Xavier van Wersch

XaviervanWersch
1875 – 1938

In 1875 werd Xavier geboren. Xavier was niet een naam die in de familie Van Wersch voorkwam. Hij dankt zijn naam aan zijn peetoom Xavier Horsmans, de broer van zijn moeder. Het complete leven van Xavier van Wersch is tot nu nog niet helemaal duidelijk. De goede man had vele hobby’s en beroepen. Dan woonde hij hier, dan woonde hij daar. Dat begon al vroeg. Na de dood van zijn moeder in 1878 bij de geboorte van haar achttiende kind, moest kleuter Xavier naar Scharn verhuizen waar hij ondergebracht werd bij Jan Horsmans, de oudere broer van zijn moeder. Zodoende werd Xavier later bekend als de man uit Scharn (bij Maastricht). Later verbleef hij  in België, maar ook op in diverse plaatsen in Zuid-Limburg. Tot nu toe zijn de volgende plaatsen bekend: Simpelveld, Maastricht, Valkenburg, Heerlen, Terwinselen, Gulpen, Sittard, Huy Tihange, Amay (in 1933). Maar ook de volgende beroepen: wielrenner, konijnenfokker, hoteleigenaar, cafébaas, schrijver, drukker, koopman, leraar, directeur. En dat allemaal in een tijdsbestek van 63 jaar, waarvan uiteraard zijn jaren dat hij bij zijn ouders woonde, afgetrokken moeten worden. Dan heeft hij in negen plaatsen gewoond en nergens echt lang. Wat de reden daarvan is ben ik nog niet achter.

Wielersport (1896 – 1901)

xavierwielrennerIn zijn jeugd was hij actief in de wielersport en niet onverdienstelijk In 1896 (21 jaar) werd hij tweede bij de amateurs tijdens de internationale wielermanifestatie in Maastricht op de mijl. Dat werd ook in het Franse blad Sport et Bicyclette van oktober 1896 vermeld. Het Algemeen Handelsblad noemde hem toen foutief : Z. van Wersch. In 1897 werd hij tweede tijdens de Internationale Wielerronde. Hij was 22 jaar. In deze tijd werd hij twee keer kampioen van Limburg en eenmaal derde in het lange Afstandskampioenschap van Nederland. In 1898 werd hij 1e op de 10 km met een tijd van 16 minuten en 41 seconden. Twee maanden later won hij diverse prijzen met zijn konijnen. Xavier was toen 28 jaar. In deze tijd was hij al bekend vanwege zijn konijnen: zijn tweede passie. Hij woonde in (of liever bij) Maastricht en om precies te zijn in Scharn. In 1900 verbeterde hij zijn eigen tijd en werd 1e op de 10km met een tijd van 16 minuten en 3 sec.

Harrie Meijers (1879-1928) een wielrenner professional uit Maastricht zei over Xavier in 1900 dat Xavier een uitstekend rijder was en zijn vriend. Xavier, zei hij, kwam als derde aan bij de kampioenschappen die door de N.W.B. op de Maastrichtse baan georganiseerd waren.

xavier-de-kampioen-1-okt-18
De Kampioen van 1897

rotterdamsch-nwsbl-13081901In 1901 vermeldde de Rotterdamse krant dat Xavier van Wersch, kampioen van Limburg was. Hij werd door den amateur -wielrenner J.D. Viruly uitgedaagd bij de e.k. wedstrijden van de Maastrichtsche Kettinggangers een match tegen hem te rijden over 25 K.M. met gangmaking.

In 1903 stond het rechtse artikel in een Limburgse krant:roermond-9-mei-1903
Rijdt zoo door naar, – nu – b.v. naar Scharn. naar Scharn? Juist, niet dat het plaatsje zoo iets bijzonders is, maar toch is het in Limburg’s sportwereld bekend – en dit als de woonplaats van den sympathieken Xavier von Wersch, President van de Maastrichtse Velo Club “de Maastrichtsche Kettinggangers”.
Von Wersch is een echt recht-geaard sportman, die voor jaren een der beste Nederlandsche amateur-wielrenners was, maar zich nu weer liever met zijn lievelingen – de konijnen- occupeert dan met training.

half-eeuw-wielersportIn 1917 publiceerde George Hogenkamp zijn boek Een halve eeuw wielersport. Daarin werd ook Xavier genoemd. Hij schreef over hem: … een goed amateur. vooral de lange afstanden. Tweemaal kampioen van Limburg, eenmaal derde in het langen Afstandskampioenschap van Nederland.

Pluimvee en konijnen (1896 – ±1925)

1896

Gelijktijdig met zijn wielercarrière begon Xavier met zijn konijnen. Bij de tentoonstelling van december 1896 in Utrecht won hij twaalf prijzen, meestal een zilveren medaille, uitgereikt door … de Nederlandschen Konijnen-Bond die pas eind 1897 opgericht zou worden.

avicultura 1896
Avicultura, 1896

Bij de Ornithophilia, dè pluimveetentoonstelling van Nederland, stond hij in 1896 met een stand waarin hij celluloid voetringen verkocht. Voetringen waren en zijn gekleurde ringen die om de poten van de kippen en ganzen gingen zodat je hun leeftijd en soort kon aflezen. Ieder jaar een andere kleur. Industrieel wordt er tegenwoordig geen gebruik meer van jaarringen gemaakt, alleen hobbymatig.

1897

De Nederlandschen Konijnen-Bond

Ondanks dat Xavier nog steeds actief was al succesvol wielrenner en pluimveehandelaar, richtte hij daarnaast op 18 december 1897 de Nederlandschen Konijnen-Bond op. De doelstellingen waren:

  1. Aaneensluiting te verkrijgen van onze liefhebbers en fokkers van konijnen.
  2. Het fokken van raszuivere exemplaren van prima kwaliteit aan te moedigen en zoo mogelijk den aanfok van speciale rassen te bevorderen.
  3. Het houden en ondersteunen van tentoonstellingen, indien de kas dit toelaat.
  4. Een standaard te verkrijgen voor konijnen

In 1897 was er een Pluimveetentoonstelling in Steenwijk. Hij ontving (volgens de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant: Xavier van Wersel voor zijn kippen-inzendingen een diploma met zilveren medaille, een diploma met gouden medaille en twee diploma’s met bronzen medailles.

1898

De eerste vergadering van de nieuwe bond was op 20 maart 1898 in het Paleis van Volksvlijt in Amsterdam. Hier werd het reglement van de Bond vastgesteld.  Het doel van de Bond was: Aaneensluiting te verkrijgen van onze liefhebbers en fokkers van konijnen. Het fokken van raszuivere exemplaren van prima kwaliteit aan te moedigen en zoo mogelijk den aanfok  van speciale rassen te bevorderen. In Amsterdam werden de bestuursleden gekozen. Voorzitter was G.J.A.A. Baron van Heemstra uit Amersfoort, secretaris-penningmeester werd J.H. Fr. Xavier von Wersch uit Scharn-Maastricht en leden waren J. Planten uit Steenderen, J. Kroon uit Nieuwendam en F. Bach uit Amsterdam. Het lidmaatschap werd op fl. 1,50 vastgesteld dus zoo laag mogelijk, opdat een ieder, die liefhebber en fokker van konijnen is, tot den bond kan toetreden. Uiteraard schreef Xavier een wervend artikel over het winstgevende nut van het fokken van konijnen voor het vlees. Klik hier.

In april 1899 zou hun eerste tentoonstelling in Leeuwarden zijn. Ook werden de te winnen prijzen bekend gemaakt. Het waren zilveren medailles of fl. 5,- voor allerlei soorten konijnen, uitgeloofd door Baron van Heemstra en door Xavier. In 1907 zaten de hierboven genoemde Baron van Heemstra en J. Planten ook in het bestuur van de expositie Ornithopilia, terwijl Xavier een van de juryleden was. Avicultura, als bijvoegsel van het weekblad Floralia, publiceerde 30 december 1898 een artikel van Xavier, als secretaris-penningmeester, over de Algemeene Vergadering van den Nederlandsche Konijnen Bond te Utrecht den 18den December gehouden.  In hotel Bellevue  op het Vreeburg in Utrecht werd besloten dat er in februari 1899 in Utrecht een internationale konijnententoonstelling gehouden zou worden. Het zou de eerste tentoonstelling van die aard zijn. Om lid te worden moest je fl. 1,50 betalen en als je het bondsorgaan wilde hebben, dan kostte het lidmaatschap fl. 2,50. De eerste internationale konijnententoonstelling was echter in 8 en 9 april 1899 in het Venduhuis in Utrecht.
Oktober 1898 was de Exposition de la Féderation Nationale des Societés d’Aviculture de Belgique. Hij won daar verschillende eerste en tweede prijzen met zijn konijnen.

1899

 De Konijnenbond had in Van Wersch een sterke pleitbezorger. In  1899 schreef Avicultura: Jaren achtereen is ons van verschillende zijden verzocht om ook de Konijnen in ons programma op te nemen; plaatsruimte heeft ons steeds ontbroken; op herhaaldelijk verzoek van den Secretaris v.d. Nederlandschen Konijnen-Bond zijn wij er toe overgegaan om ook een afzonderlijke afdeeling daarvoor te vormen. De Konijnenliefhebberij is in de laatste jaren in ons land aanmerkelijk vooruitgegaan, zoodat deze zeker een goede toekomst tegemoet gaat. Dit verzoek zou leiden tot de 1e Ornithophilia tentoonstelling in december 1899.

De eerste internationale konijnententoonstelling was echter op 8 en 9 april 1899 in het Venduhuis in Utrecht. De krant schreef: De grootste inzender en ook de meest bekend op dit gebied is de heer Xavier von Wersch. Deze heer behaalde met zijne dieren vele prijzen. Xavier stelde fl. 5,- beschikbaar voor het zwaarste Lotharinger reuzen- of slachtkonijn. Totaal waren er 152 dieren uit alle delen van Europa.

Van 11 tot en met 14 november 1899 werd in de dierentuin van Aken een pluimvee- en konijnententoonstelling gehouden. Daar waren 280 soorten pluimvee en 28 soorten konijnen. Xavier schreef in Avicultura hierover een aanbeveling om ook daar te gaan exposeren  en sloot met de woorden: Voor hunne beesten zal goed worden gezorgd en daar ik er toch gedurende de tentoonstellingsdagen ben, zoo zal ik er ook eens naar kijken. Nu de konijnenliefhebberij reeds ver gevorderd is in on land, nu moeten de fokkers ook eens in het buitenland exposeeren en zien daar naam te maken. De Hollandsche exposanten zal ik per briefkaart mededeelen of hunne inzendingen bekroond zijn, en er later een artikel in Avicultura over schrijven.

Begin december 1899 beschreef Xavier in Avicultura de 28 ereprijzen die de fokkers konden winnen bij de komende Ornithophilia in Utrecht. Tien prijzen waren uitsluitend voor de leden van de Konijnenbond. Deze tentoonstelling zou de tweede konijnententoonstelling zijn van de Bond, maar de eerste op de landelijk georiënteerde pluimveevereniging tentoonstelling Ornithophilia eind december in Utrecht. De prijzen  voor de konijnen waren bijvoorbeeld: een zilveren medaille of fl. 5,-  voor de mooiste Lotharinger reuzenram. Of een verguld zilveren medaille of fl. 7,50 voor de mooiste voedster met jongen. Xavier ondertekende deze berichten steeds met Xavier von Wersch.Klik hier
De eerste keer waren in het Venduhuis in Utrecht 234 konijneninzendingen. Normaal werd de Ornithophilia steeds in de Fruithal van Utrecht gehouden. Maar voor de konijnen moest het publiek naar de overkant: het Venduhuis. Over deze tentoonstelling van 1899 schreef de Leeuwarder Courant: In het Venduhuis te Utrecht wordt gehouden de eerste Internationale tentoonstelling van konijnen, uitgeschreven door den Konijnenbond Vereeniging tot Bevordering van den konijnenfokkerij in Nederland. Verder schreef de krant: De grootste en ook de meest bekende op dit gebied is de heer Xavier von Wersch te Scharn-Maastricht. Deze heer behaalde met zijne dieren vele prijzen. Xavier was een van de elf commissarissen van de tentoonstelling.
De komende jaren zou hij dat blijven. Bert Mombarg schreef in 2001 zijn boek Houden van Kippen, een historisch-socialogische analyse van de georganiseerde raspluimveeteelt. Op bladzijde 60 staat: In 1899 werden 242 ras pelsdieren geëxposeerd waarvan er 100 aan J.H.F. Xavier von Wersch uit Maastricht behoorden. Xavier was pas 24 jaar.
Hij had onder andere de volgende rassen bij zich: IJzergrauw, Zilverkonijn, Russische Brandneus, Angora, Blue and Tan, Engelse Hangoren, Lotharinger reuzen, zwart en wit Papillon, zwart Angora, Belgische Reuzenkonijnen en Hollandse Konijnen. Hiervoor won hij de eerste prijs in zijn klasse. Hij ging met twaalf eerste prijzen naar huis.

Xavier plaatste in de tentoonstellingsgids van Ornithophilia een advertentie waarin hij zijn met 70 prijzen bekroonde raskonijnen tegen betaling wilde afgeven. Voor zijn bekroonde Belgische reus van tien maanden vroeg hij het enorme bedrag van fl. 40,- Voor zijn Black and Tan van tien maanden vroeg hij fl. 30,- Aanvraag betaald antwoord, verpakking vrij, vracht voor kooper.

ornithophilia
ornithophilia-dec-1899


Vreemd genoeg stond er in de gids van Avicultura nadien geen verslag van deze konijnententoonstelling.

Naar aanleiding van deze tentoonstelling stuurde Xavier in 1899 een ansichtkaart uit Utrecht naar zijn vader:

van wersch utrecht
Oudegracht Utrecht

Lieve Papa.
de tentoonstelling is goed geslaagd. X. behaalde niet minder dan 75 prijzen en wel 40 ere prijzen en 19 eerste. Een dezer dagen kom X. U bezoeken. gegroet Xavier.

Overigens zijn alle gidsen van de Pluimvee en Konijnententoonstellingen van Ornithophilia vanaf het begin in te zien in het Nederlands Pluimveemuseum in Barneveld.

1900

Xavier stimuleerde ook anderen om een lokale verenging te beginnen. In 1900 kwamen drie mannen uit Haarlem met de trein naar Maastricht om Xavier te ontmoeten. Xavier adviseerde hen om een eigen lokale vereniging op te richten. Eén van die mannen, dhr. Scheelings, schreef dat hij op bezoek was geweest bij den heel bekenden liefhebber Xavier van Wersch te Maastricht. Binnen de kortste keren hadden ze meer dan 140 leden. Deze vereniging kreeg zelfs de koninklijke goedkeuring. De naam was de Eerste Haarlemsche Vereeniging tot bevordering der konijnenteelt de Exposant. In  de begintijd haalde Scheelings bij Xavier meer dan 100 jonge konijnen op waarvan er sommige wel fl. 3,- per stuk kostte. Een heel bedrag in die tijd.

1901

Begin 1901 opperde luitenant J. Koornman uit Amersfoort tijdens de vergadering van Ornithophilia dat de pluimveestapel stiefmoederlijk werd behandeld. Daarvoor achtte hij het noodzakelijk dat er een speciale vereniging hiervoor zou komen. Samen met zes anderen werd Xavier gevraagd om zo’n verenging op te richten. Het opvallende is wel dat er achter zijn naam Weert stond alsof hij uit Weert zou komen terwijl hij in Scharn bij Maastricht woonde. Bij deze tentoonstelling was Xavier één van de twaalf commissarissen.

In 1901 stuurde hij vanuit Brussel de volgende kaart naar zijn zus:

Lieve Marie. Hier ben ik alweer even gelukkig, al de prijzen de Zilveren beker. 3 eere en 8 eerste zonder de andere. Het seizoen is goed afgeloopen. Het heele Ministerie was er. groeten aan allen.

In 1901 had hij daar 86 inzendingen. De journalist van Het Nieuws van den dag schreef De tentoonstelling van konijnen wordt nu voor het eerst gehouden en ik zag nooit te voren zooveel pracht-exemplaren bijeen (…) de Heer J.H. Ter Xavier von Wersch, te Maastricht, die zelf alle soorten heeft en veel bijdroeg tot het slagen dezer afdeeling. Reeds bij de landbouwtentoonstelling te Maastricht zagen wij zijne prachtexemplaren.

zutphen 1901 wersch

Oktober 1901 was Xavier in Zutphen op de Nederlandsche Eierenverkoop-vereeniging. Zutphen Landbouw Tentoonstelling Wageningen 10-12 September 1901 geweest. Hij schreef aan zijn zus:
Beste Marie
Van Alost (= Aalst in België) ben ik direct naar Utrecht moeten gaan voor zaken. Alles is te Alost uitstekend afgeloopen. Veel prijzen en veel genoegen gehad. A.S. Zondag kom ik denkelijk naar Simpelveld dan is er toch Kermis nietwaar. Veel groeten aan Jacques en anderen.
Tot ziens
Xavier
Utrecht, 21 October 1901

Ook in België werden internationale pluimveetentoonstellingen gehouden waarbij konijnen toegelaten werden. In januari 1901 was die in Luik. De organisatie Union Avicole de la Province de Liège had Xavier benoemd tot Nederlands contactpersoon. Begin januari 1902 werd in Luik ook een tentoonstelling gehouden in de Royale de la Rénommée, georganiseerd door de l’Union Avicole de Liège. In de lokale krant stond dat Xavier een magnifieke verzameling van konijnen van allerlei rassen en variëteiten exposeerde. Xavier was in 1914 hier een van de juryleden.

In dit jaar had hij ook een artikel over konijnen geschreven dat gepubliceerd werd in het Franse tijdschrift Chasse et Pêche met de titel M. Xavier von Wersch et ses lapins (de heer Xavier von Wersch en zijn konijnen).

1902

Zijn konijnenteelt ging zeer voorspoedig. In februari 1902 verkocht hij een Vlaamse rammelaar (een mannetje) voor fl.150,- Een journalist hoorde dat en schreef later in de krant dat het een soort tulpenhandel was. Zo hoog vond hij de prijs. Diezelfde maand stuurde schreef een jongeman een brief aan de Telegraaf waarin hij schreef:
Welzeker, vraagt maar vrij. Gij zoudt gaarne eens mooie konijnen willen zien, vooral ook groote en er wel een reis voor over hebben. Jammer dat de tentoonstelling van Ornithophilia te Utrecht en Avicultura te Rotterdam voorbij zijn. Ook Bronbeek (tussen Velp en Arnhem), in den Dierentuin te Antwerpen (bij het station) en bij den heer Xavier von Wersch te Maastricht vindt gij ze o.a.
Xavier bleef prijzen winnen. In dat jaar voor enkele van zijn rassen. In maart 1902 bestond de Nederlandsche Konijnenbond vijf jaar en was samengegaan met de Vlaamsche Reuzen-Konijnenclub.

In april 1902 werd in Maastricht  de Provinciale Afdeling der Vereeniging tot bevordering van de Pluimveehouderij in Nederland opgericht. Het bestuur bestond uit Kamerlid Mr. Janssen, Xavier van Wersch uit Schorn (moet Scharn zijn, noot webmaster) en Max Regout uit Maastricht, dhr. Lessens en uit Horst de heer Nusselein. Het Hoofdbestuur van de V.P.N. (Vereniging van Pluimveehouderij) vond dat niet goed en royeerde Xavier met als argument: wanbetaling. De landelijke VPN was in mei 1901 opgericht.
In september 1902 was er wel de Landbouwtentoonstelling in Den Bosch. Daar won Xavier verschillende prijzen voor zijn konijnen en pluimvee:  de 2e prijs met de Belgische Reuzenkonijnen, de 2e prijs met zijn Zilveren Konijnen, 3e prijs: Russische Brandneuzen, 2e prijs: Papillons, 1e prijs met niet genoemde rassen, 1e prijs met zijn kippenras Wyandottes (wit) en de 2e prijs met hoenders voor de vleeschproductie. Niet onverdienstelijk dus.

Aan het eind van dat jaar werd hij voor de eerste keer benoemd tot leraar in de pluimvee aan de Winterlandbouwschool in Sittard. Dat was hij ook in het winterseizoen 1905/1906, 1906/1907 en 1907/1908.

Bij de Ornithophilia in december 1902 loofde Xavier weer vele prijzen uit voor konijnen. De Nederlanse Konijnenbond had 177 leden en het saldo in kas was groot, schreef hij in de notulen: het bedrag was fl. 36.67.  1902 was een succesvol jaar voor Xavier. half december werd in Utrecht een Hollandsche Konijnenclub opgericht met het doel het konijnenras te verbeteren. Het bestuur bestond uit de voorzitter de heer C. Repelius uit Utrecht, de heer C. Blank, te Teteringen als ondervoorzitter en  de heer H. Fr. Xavier von Wersch, te Scharn-Maastricht als  secretaris-penningmeester.

Ook in december 1902 zag de Veldbode het licht als een geïllustreerd weekblad voor land- en tuinbouw, pluimvee en konijnenfokkerij en bijenteelt. De redactie van dit nieuwe tijdschrift was in handen van A. ter Haar, hoofdredacteur en leraar aan de Rijkslandbouwschool in Goes. Voor landbouw en veehouderij was M. Thomassen, leraar aan de Rijksveeartsenschool in Utrecht. Voor gezondheidsleer van het vee, paardenfokkerij en hoefbeslag was P. Theunissen uit Amsterdam. H. de Graaf / de Greeff, was wandelleraar van de Nederlandsche Maatschappij voor tuinbouw en plantkunde en leraar aan de Tuinbouwschool in Frederiksoord.  Xavier van Wersch, die leraar in de pluimveehouderij en konijnenfokkerij was. Tenslotte was T. Hootsen uit Hoevelaken leraar bijenteelt. Het blad werd uitgegeven door Leiter-Nijpels in Maastricht.
Het abonnementsgeld bedroeg fl. 1,90 per jaar.

1903

Het Luikse was uiteraard ook dichtbij. In januari 1903 deed hij mee aan de Exposition du Club des Races Liègeoises. Hij won daar met zijn Vlaamse Reuzen diverse 1e en 2e prijzen.

Op de landbouwtentoonstelling in Goes in juni 1903 was hij het enige jurylid betreffende Pluimvee en Konijnen. In 6 en 7 juli 1903 was het eerste congres voor de leden der Vereeniging tot bevordering der Pluimveehouderij en tamme Konijnenteelt in Groningen. Hij sprak daar over de konijnenteelt, dat er verschillende personen op dit gebied waren die hun meningen verkondigden die niet aan de praktijk getoetst waren en daardoor alleen maar teleurstellingen veroorzaakten. En door die teleurstellingen ging de konijnenfokkerij juist achteruit. Ook sprak Xavier zich tegen landbouw tentoonstellingen waar dieren stonden. Hij zei dat dat boerenbedrog was omdat de meest bekroonde dieren in het buitenland werden gekocht.
Hij pleitte tevens de noodzaak van een praktische handleiding voor konijnenfokkerij. “Wat er nu in onze taal bestaat is onbruikbaar en geschreven door mensen die niet met de praktijk vertrouwd zijn. ook in de pers wordt het publiek nog slecht voorgelicht.” Het congres was met hem eens dat er een handleiding diende te komen.

De Vereeniging tot bevordering der Pluimveehouderij en tamme Konijnen ­teelt in Nederland (VPN) publiceerde in hun 14e bulletin van augustus 1903 rapporten over de konijnenfokkerij in Nederland. De heer Piggelaar nam de provincies Utrecht en Noord- en Zuid Holland voor zijn rekening. Xavier schreef over de andere acht provincies. De cijfers wist hij omdat hij die ook al bij zijn spreekbeurt in juli 1903 gebruikt had bij een het eerste Nederlandsche congres tot bespreking van de belangen van de pluimveehouderij en konijnenteelt over konijnen in Groningen.

nw rotterdamse courant 1903

De kwaliteit van de konijnen van Xavier was zonder twijfel, getuige deze annonce links  uit 1903 uit Rotterdam waarin M. Groenendijk Xavier opvoert als een merknaam.

Behalve dat Xavier geroemd en beroemd was om zijn konijnen, bleef pluimvee zijn interesse houden. In september 1903 werd in Maastricht de eerste internationale tentoonstelling voor pluimvee en konijnen gehouden in de Dominicanerkerk.  Sinds 2010 was deze kerk veranderd in een boekenwinkel.

In Het Kanton Weert van 29 augustus 1903 stond een groot artikel over die komende Pluimveetentoonstelling van 13-15 september in de Dominicanerkerk in Maastricht, tien jaar na de eerste tentoonstelling in Utrecht. Hierna volgden vele steden, maar geen Limburg.
Het bestuur van de Vereniging tot Bevordering van de Pluimveehouderij in Nederland, waar Xavier van Wersch een van de oprichters van de Limburgse tak was, nam het initiatief om ook nu in Limburg een internationale tentoonstelling te organiseren. Behalve dat er verschillende hoenderrassen zouden zijn, zouden er ook duivenrassen te zien zijn, want de bewoners van Maastricht en omstreken zijn van ouds duivenliefhebber. In Maastricht zou er in september dan de gehele pluimveehouderij te zien zijn: kippen, duiven, eenden, ganzen, zwanen, fazanten, parelhoenders, kalkoenen, patrijzen. Maar ook konijnen, zang- kamer-, en volièrevogels. Totaal een kleine 400 soorten.

Xavier von Wersch heeft in den laatsten tijd en op lezingen en in De Veldbode herhaaldelijk gepleit voor de pluimveeteelt, voor hare reorganisatie en modernizeering. Door hem werd met klem bepleit, dat de voordeelen, welke het houden van hoenders aan moeder de vrouw bij een moderne opvatting van het bedrijf, kon opbrengen, zeer aanzienlijk konden zijn.

 
Waarom waren kippen en konijnen dan zo populair?
Omdat een boer moet hebben kippen, die veel en flinke eieren leggen en ook in de pan een flink en malsch stuk vleesch geven. Kippen die tegen het klimaat bestand zijn, en voor de liefhebbers, een mooi gezicht opleveren. Welnu, dat alles vereenigd vindt men bij de Wyandottes, Plymouth Rocks en Minorca’s.
Heeft men al eens opgeteld hoeveel eieren men in 1 jaar van zijn kippen gemaakt heeft, hoeveel men voor de kippen zelf ontving?
Want, laat ons maar eens rekenen. Gesteld, ge kunt van 100 kippen, die eierproductie per jaar met +/- 100 eieren verhoogen dus van een 60 tal (meer geven onze gewonen boerenkippen per jaar en per kip niet) tot een 160 tal brengen, dan verkoopt ge per jaar 10.000 eieren meer, à 4 c. gerekend, want onder die 100 zijn meestal de duurst betaalde) voor 400 gulden meer aan eieren. En de zware Wyandottes etc. brengen U bij verkoop ook zeker 3 kwartjes à een gulden meer op, dan de kleine inlandsche of Italiaansche kippen.
 
De journalist raadde de bezoekers aan geen kippen op de tentoonstelling te kopen omdat je niets wist over vetgehalte en/of eierproductie: Wilt ge kippen koopen, wendt U dan tot de heer van Wersch. Die kent zijn luidjes en ook z’n beestjes en zal zeker gaarne iedereen te woord staan en helpen waar hij kan. Want niets is hem liever dan de vooruitgang van de Pluimveehouderij in Limburg. Dan komt ge zeker niet bedrogen uit.
Xavier beloofde ook nieuwe modellen kunstmoeders te laten zien en broedmachines in werking.
 
De VPN had al vele inschrijvingen voor Maastricht. Konijnenfokkers uit Holland kwamen met 50 tot 100 stuks naar Maastricht. De konijnenteelt bracht de mensen veel voordelen. In Zuid-Beveland werd al voor f. 300.000 aan konijnenvlees naar Londen geëxporteerd. Limburg zou volgen.
Dus, Zondag over 2 weken naar Maastricht. We hebben nog nooit gehoord dat een Limburgsche boer thuis blijft, als er iets te verdienen valt.

Uitkomst
Xavier kreeg de prijs voor de grootste inzending (125 kippen). Het was een kunstvoorwerp. Ook kreeg hij een vergulde zilveren medaille voor zijn Plymouth Rocks en een bronzen medaille voor zijn Vlaamse Reuzen. Totaal kreeg hij die maand tien keer de eerste prijs, negen keer de tweede prijs, vier keer de derde prijs, veertien eervolle vermeldingen en negen extra vermeldingen. 46 prijzen dus.

De krant schreef het volgende bericht en let dan vooral op de laatste regels:
De Pluimveetentoonstelling mag volkomen geslaagd genoemd worden. Onder de ruim 1000 ingezonden exemplaren, die in ontelbare kooien van allerlei groote gehuisvest en de oude kerk prachtig vullend, waren vele, zeer vele prachtexemplaren. Zondagmorgen om 10 uur opende Zijne Excellentie den Commissaris der Koningin in Limburg officieel de tentoonstelling. De Wyandotten waren in alle verscheidenheden ruim vertegenwoordigd; vooral witte waren er vele, zoowel afzonderlijke exemplaren als toomen Leghorns, prachtige Minorca’s zware Mechelsche,

Plymouth Rocks (met dank aan het Pluimveemuseum Barneveld)

Koekoeks, Plymouth Rocks, Andulasiërs, een 100 ·tal nummers. Onder de Limburgsche inzenders, die veele prijzen in deze klassen behaalden, noemen we Jhr Micbiels van Kessenich te Limmel (Mechelsche hoenders), Nusselein te Horst (patrijs Leghorns), Van Wersch (PIymouth Rocks).
Bijzonder trokken de aandacht de prachtige Minorca’s van luitenant Kooijman te Amersfoort en de patrijs Wyandottes van Joh. Muysert te Utrecht.

In de afdeeling Vlaamscbe reuzen waren de inzendingen zeer talrijk, verreweg ‘t talrijkst zelfs van alle klassen der tentoonstelling.
Verder gaf de tentoonstelling veel merkwaardigs. De papegaaien, en vooral de uilen hadden succes. De prachtige Angorakonijnen en de Weener reuzen vielen bijzonder in den smaak van het zwakke geslacht, terwijl de honderden jonge konijntjes vooral bij de kinderen groot succes hadden.
De eere medaille, geschonken door H.M. de Koningin voor den inzender, die de meeste prijzen behaalde in de afdeeling hoenders, werd behaald door den heer Dupper, die van Prins Hendrik voor den inzender, die de meeste prijzen behaalde in de afdeeling konijnen, door den heer Carlas Blank uit Teteringen.
Alvorens de tentoonstelling te verlaten, loofde Jhr. Ruys de Beerenbrouck, als teeken van groote tevredenheid met het wat hier was verkregen, een extra eereprijs uit voor den Limburgschen exposant die de meeste prijzen behaalde. Van Wersch was de gelukkige winner
.

In december 1903 nam hij weer deel aan de Ornithophilia in Utrecht.  Het was de tiende tentoonstelling. Xavier nam deel met 39 inzendingen, terwijl hij in 1901 101 kippen en konijnen had ingezonden. Je moet eens nagaan wat voor een logistiek daar achter gezeten moet hebben. Hoe reisde hij met die aantallen van Limburg naar Utrecht?
In de catalogus van 1903 staat wat hij inzond, maar ook de verkoopprijs erbij. Het waren zeker niet de goedkoopste die hij inzond. Bijvoorbeeld een Mechelse Koekoek voor f. 40, Vlaamsche Reuzen voor f. 50,-  Mechelse Hoenders voor f. 25,- Dat was zeker in die tijd erg veel geld. Hij won voor de beste Vlaamsche Reus f. 2,50

In november 1903 verschijnen ook zijn eerste artikelen in de  tijdschriften De Veldbode en De Pluimgraaf, geïllustreerd weekblad voor liefhebbers van zang- sieraad- en volière vogels, pluimvee, duiven, konijnen etc, die hij samen met anderen had opgericht. Hij schreef, als redacteur, vervolgens in ieder nummer een artikel met titels als: De Eierhandel in Nederland, Plymouth Rock, Het werken met de broedmachine,  Eieren en kippen, Is de konijnenfokkerij voordeelig, De Poule Pintade, Weener Reuzenkonijnen, Beenderenvleesch en gemalen beenderen, Konijnenteelt in België. Om een of andere reden verschenen er na 1905 geen artikelen meer van hem. Hij zat ook niet meer in de redactie. Klik hier voor een overzicht van zijn artikelen in de uitgave van 1903 en 1904.

1904

Januari 1904 werd alweer de 18e internationale tentoonstelling voor pluimvee en konijnen door Avicultura georganiseerd in Den Haag, in het Koninklijk Zoölogisch Botanisch Genootschap. Xavier zat dit keer niet in de jury maar in de regelingscommissie.
Blijkbaar had Xavier grotere plannen want hij richtte in augustus 1904 op eigen initiatief een pluimveeclub op. Die wilde in januari 1905 ook een internationale pluimvee en konijnententoonstelling houden. Hij noemde deze de Maastrichtsche Pluimveeclub. In 1902 had hij dat ook al geprobeerd. De tentoonstelling bestond uit vijf afdelingen en 557 klassen. Ook deze werd in de Dominicanerkerk in Maastricht gehouden. Tussendoor was hij in september 1904 nog even jurylid voor konijnen op de landbouwtentoonstelling in Oosterhout.

nwsblad-ned-indie-30-mei-1904
Nieuws van den Dag voor Nederlandsch Indië van30 mei 1904. Xavier heeft een eigen “lijn”.

Als autoriteit over konijnen maakte Xavier zich ook zorgen omtrent de prijsontwikkeling. In september 1904 had hij een onderzoek in België gehouden. Hij schreef: Er zijn in België huizen die in Londen een hulpkantoor bezitten, die zich tegen een commissieloon van 2% met den verkoop belasten. De huizen, die te Londen een agent hebben, laten zich den stand der markt seinen en regelen daarnaar hun zending. De engelsche agent neemt voor zijn provisie 5%. De prijs van het konijn varieert van 60-75 cts. per kilo geslacht. In Januari en Februari, wanneer de zendingen verminderen, stijgen de prijzen tot f. 0,80. (bron: De Tijd 11 september 1904).

September 1904 verscheen er opeens in De Veldbode een klein berichtje van de redactie dat ter vervanging van den heer X. von Wersch als redactie van de afdeeling Pluimveehouderij mevrouw A. van Omphal Hugenholz Escher uit Jambes in België is aangesteld.  Sindsdien verschenen er geen artikelen meer van Xavier. Mevrouw Van Omphal overleed kort daarop in januari 1907. Het blad had nu geen enkele redacteur op dit gebied. De hoofdredacteur A.A. ter Haar schreef hierna artikelen over pluimvee en konijnen.
Xavier plaatste nog wel eens een advertentie in de Veldbode, bijvoorbeeld dat hij broedeieren te koop aanbood per 12 stuks f. 2,- franco bij toezending. Na 1905 verschenen er geen enkele advertentie meer van hem.

Eind december 1904 verscheen in de Amerongensche Courant deze advertentie waarin Xavier als deskundige werd aangehaald met het kippengeneesmiddel Vlaskampin en Kampinzalf.

De Veldbode werd gedrukt bij J. Nypels uit Scharn, waar Xavier ook gewoond had. Die twee kenden elkaar goed. Na 1908 verschenen er opeens artikelen over konijnen en pluimvee aan de hand van J.N. Een jaar later stond onder zo’n artikel J., Nypels. Wellicht dat Xavier de artikelen schreef en onder de naam van zijn vriend publiceerde. In 1907 plaatste J. Nypels uit Scharn wel een advertentie in De Veldbode waarin hij  Witte Leghorns aanbood dit voorjaar gekocht van X. von Wersch.

Na 1911 veranderde het blad meer in een blad voor landbouw, veeteelt en paarden. Heel af en toe nog wel eens iets over pluimvee en konijnen.

1905

In 1905 had de Bond opeens nog maar 71 leden. Honderd leden waren verdwenen, maar, schreef hij, het tekort was verdwenen en de rekening sloot af met een klein voordelig saldo. In 1908 was een ander secretaris-penningmeester van de Konijnenbond. Waarom? Xavier deed ook niet meer mee met inzendingen. Ook trad hij niet meer aan als jurylid. Het jaar ervoor had hij nog wel aan de tentoonstelling meegedaan. Hij was zelfs keurmeester.

In 1905 (Xavier is 30 jaar) was hij al een autoriteit op hoendersoorten. De Gelderlander schreef toen: Intusschen herinneren we aan den door Xavier von Wersch gegeven raad: men ga geen verzamelingen van alle mogelijke hoendersoorten aanleggen, Ieder kippenhouder bepale zich tot één ras. Datzelfde jaar was er in augustus een landbouwtentoonstelling in Wolvega. De krant schreef dat den bekenden pluimveefokker Xavier von Wersch te Maastricht ook aanwezig was met zijn Phoenixhoenders die een staart hadden van meer dan een meter.
In de Veldbode van 1905 schreef Xavier: De Brusselse kapoenen zijn beroemd als tafelgevogelte. Maar meer dan toen, spreken de cijfers der markten in België, die o.a. vertellen dat wekelijk (Woensdags) in Merchten, bij Brussel, ongeveer 14.000 te Lonnerzeel (Vrijdags) 10.000 en te Mechelen 4000 stuks ter markt komen. Neemt men de gemiddelde prijs, zijnde 10 à 12 francs, dan krijgt men een denkbeeld van den handelen Mechelse hoenders, die voor rekening van poeliers en hotelhouders te Brussel, Parijs, Londen en elders worden aangekocht.

Ook in 1905 ontving hij  op de 2e Landbouwtentoonstelling afdeeling Montfoort, georganiseerd oor het Genootschap voor Landbouw en Kruidkunde in de provincie Utrecht, de eerste prijs voor zijn hoenders de eerste en tweede prijs voor niet genoemde rassen. In 1906 had hij een artikel geschreven waarin hij stelde dat de huid van konijnen gebruikt kon worden door de leerindustrie. De huid is even duurzaam als goed zoolleder. Het heeft veel weg van kalfsleder maar de praktijk heeft zijn grootere duurzaamheid bewezen.

onze huisdieren 1905
Hoofdstuk 9 uit het boek Onze Huisdieren van G. de Voogt uit 1905

Vanwege zijn uitgebreide kennis van hoenders en konijnen, werd hij door Gos. de Voogt gevraagd hoofdstukken over pluimvee in al zijn diverse vormen en konijnen te schrijven. Dit boek verscheen in 1905 onder de titel: Onze Huisdieren en werd door Elsevier Amsterdam uitgegeven. Over konijnen schreef hij dertien pagina’s. Van Voogt was journalist voor de Nieuws van den Dag die diverse boeken over enkele oorlogen en over huisdieren schreef. Hij was tevens de oprichter van de padvindersorganisatie in 1910.

Ook in 1905 was hij aanwezig bij de eerste steenlegging van de Eiermijn in Roermond. Deze Eiermijn was er gekomen omdat de leden van de VPN dat al in 1903 verlangden. In oktober 1904 was de Eiermijn actief in het gebouw van de Botermijn.

1906

Affiche tentoonstelling van pluimve, duiven, watervogels, konijnen, enz. Dierentuin te ‘s-Gravenhage 2, 3 en 4 februari 1906. Druk: Lankhout.. bron: http://www.koninklijke-avicultura.nl

In november 1906 was hij commissaris voor Nederland in het erecomité van de Internationale Pluimvee- en Konijnenteelttentoonstelling die in Parijs gehouden werd. Begin 1907 schreef hij een artikel voor het blad Avicultura over de Tentoonstelling te Parijs. Hij was toen weer leraar aan de landbouw- winterschool in Sittard.

1907

Als commissaris voor Nederland ging Xavier naar de pluimveetentoonstelling in Parijs. Hij schreef hierover een kritisch stuk in Avicultura. Klik hier.

xavier-medailleIn november 1906 kreeg hij (32 jaar oud) een onderscheiding. Die onderscheiding kwam niet vanuit Nederland of België, maar uit onverwachte hoek. Namelijk uit Frankrijk. Van dat land ontving Xavier de onderscheiding Chevalier de mérité agricole, oftewel de onderscheiding voor de verdienste in de landbouw. Andere bekende dragers waren bijvoorbeeld Louis Pasteur en Catherine Deneuve. De onderscheiding werd in 1883 ingesteld. Hij kreeg officieel toestemming van de koning om deze medaille aan te nemen.

onderscheidingkleur

xavier van wersch
Petit Parisien november 1906

In De Veldbode, het blad dat hij zelf mede opgericht had, en waar hij maar twee jaar ervan in de redactie zat, besteedde geen aandacht aan deze Franse onderscheiding. Wel verscheen er in november 1907 op de omslag zijn foto:

veldbode wersch 1907

Er onder stond:
De nieuwe eierkist van den Zuid-Nederlandschen Zuivelbond, met behulp waarvan 500 eieren in 1¼ minuut geschouwd en gewogen worden. Van links naar rechts: deksel (welke in de kist kan gestoken worden); kist, waarin zichtbaar de bodem van een bak voor 100 eieren; de uitvinder (X. v. Wersch); de schouwer (van binnen met blik beslagen) en waarin een gaspit brandt, waarboven een gevulden eierbak, en waarvoor de kartonnen reepen, waarmede de eieren op den bodem van den bak komen.
In een ingezonden artikel dat verderop in het blad stond zei de schrijver over de eiermijn van Maastricht:
Het sousterrain onder het gebouw van de Botermijn te Maastricht biedt uitstekende lokaliteiten om aan den pluimvee- en eierhandel elke gewenschte uitbreiding te geven (…) ’s Nachts om elf uur, als de extra-trein de botermanden en eierkisten heeft aangevoerd, worden de eieren geschouwd in den kelder van de botermijn. De heer X. von Wersch met de controle daarvan belast, verbeterde geleidelijk in de inrichting zoodanig, dat nu één persoon in één uur tijd 15.000 eieren kan uitpakken, schouwen, wegen en weer inpakken.
De schrijver van dit artikelen uitte hierover zijn lof en schreef verder dat de Engelsen en Fransen deze methode zeker zouden overnemen.

Het tijdschrift het Ideaal uit 1907 plaatste deze foto met tekst: Hieronder is een afbeelding van de autoriteit in pluimvee en konijnen, J.H.F.X. (Xavier) van Wersch als rechts de winnaar van de zilveren beker bij de afdeling konijnen tijdens de 14e nationale tentoonstelling Ornithophilia van pluimvee, knaagdieren etc. in de Fruithal (Vredenburg) te Utrecht.

1907

1908

In 1908 schreef hij een artikel naar aanleiding van een pluimveetentoonstelling in Brussel. Hij schreef dat de meeste hoenderrassen ongeschikt zijn omdat ze te kleine eieren leggen met geringe handelswaarde. Hij stelde voor de Nederlandse rassen te kruisen met andere rassen. Als ik het zou wagen om Friesche pellen, Drentsche hoenders, Hollandsche zilverlaken etc aan den landbouwer aan te bevelen, ik geloof dat ik mij nooit meer op die dorpen behoefde te laten zien. Xavier vond, schreef hij, dat de kippententoonstellingen meer een schoonheidswedstrijd leken, dan dat er op de eierproductie werd gelet.

1909

In 1909 nam hij deel aan een tentoonstelling in Oostende en won daar een prijs voor zijn konijnen..

Ook schreef hij regelmatig in het Maandblad, orgaan van de NHC (Nederlandsche Hoenderclub). Maar ook schreef hij erg veel over konijnen. Vreemd genoeg was stond zijn naam op de ledenlijst van onder andere 1906, 1907 en 1908. Maar niet meer daarna.

1910

In 1910 was hij al dusdanig bekend en beroemd dat hij als Nederlands jurylid deelnam aan de jaarlijkse internationale pluimvee- en konijnententoonstelling in Utrecht in de Fruithal Handelsbeurs Vreeburg te Utrecht. Dit was de Ornithophilia. Xavier was een van de juryleden. Er waren toen 3153 inzendingen. Dat jaar was er in augustus ook een congres Voor Pluimvee en Konijnenteelt in Den Haag. Deze werd georganiseerd door de Nederlandse Verenging Avicultura. Xavier sprak op dit congres over de praktijk van het houden van deze dieren.

In 1910 kwam er een omwenteling bij Xavier. Hij stelde openlijk de vraag aan het Bestuur van de Vereeniging tot bevordering der Pluimveehoenders en tamme konijnenteelt in Nederland (opgericht in 1901): Beantwoorden de pluimvee tentoonstellingen, zoals ze tegenwoordig gehouden worden, aan het doel waarvoor ze georganiseerd worden? Dat was toch een knuppel in het toepasselijke hoenderhok. Hij zei ook dat het geen kunst was om prijzen te behalen. Er werd toch alleen maar gekeken naar schoonheid en niet naar productiviteit van één beest. Je moet eigenlijk een hele ren tentoonstellen en ook hun eieren. Xavier zei nog dat hij niets tegen de VPN had, maar ook dat er velen in het zuiden van het land niet meer mogelijk was om met de VPN samen te werken.

Op dit Tweede Nationaal Congres voor Pluimvee en Konijnenteelt georganiseerd door Avicultura behandelde de heer J.H. Xavier von Wersch te Scharn Maastricht op de tweede dag de vraag: Beantwoorden de pluimvee tentoonstellingen, zooals ze tegenwoordig gehouden worden, aan het doel, waarvoor ze feitelijk daargesteld worden.  

xavier van wersch
De Tijd 1910

Spreker meende, dat dit over ’t algemeen genomen niet het geval is. Prijzen te behalen is geen kunst, dit weet spreker uit eigen ervaring. Men koopt eenvoudig hier en daar mooie exemplaren, en geurt daarmede op tentoonstellingen waar immers alleen op schoonheid en niet op productiviteit wordt gekeurd. Spreker gaf aan op welke wijze hij de tentoonstellingen gereorganiseerd wenschte te zien. Hij verwees naar de expositiën in Duitschland door hem gezien, waar geheele hoenderparken waren geïnstaleerd. Ook is tentoonstelling van eieren noodzakelijk. Tevens kunnen er concoursen aan verbonden worden.

Inleider gaf nog verschillende wenken, opdat de tentoonstellingen meer practisch nut afwerpen dan thans ’t geval is.

Bij het debat, dat zich naar aanleiding van dit betoog ontspon, deelde de voorzitter a.s. mede dat bij de bij de in 1913 te houden groote landbouwtentoonstelling een geheel gewijzigde afdeeling voor pluimvee- en konijnenteelt zal worden ingericht, omdat men zoo zal krijgen een goed inzicht over hetgeen de pluimveehouderij hier te lande was, is en moet worden. Spreker wekte op allen eendrachtig samen te werken tot bevordering van den bloei van de pluimveehouderij.

De heer Von Wersch stelde in ’t licht, dat hij volstrekt de V. P. N. niet vijandig gezind is. Maar er zijn omstandigheden waardoor t voor velen in ‘t Zuiden niet mogelijk is met die vereeniging mede te gaan. Wellicht zal dit in de toekomst wel ’t geval kunnen zijn. Met genoegen kennis nemende van voorzitter’s  mededeeling omtrent de in 1913 te houden groote landbouwtentoonstelling raadde spr. Aan kennis te nemen van het programma der te Dusseldorf gehouden expositie

Blijkbaar viel zijn vragen over de VPN bij het bestuur niet in goede aarde en Xavier werd in 1911 geroyeerd. De voorzitter zei nog wel dat Von Wersch in een deel van Limburg grote invloed heeft, maar dat nam het Bestuur voor lief. Echter er kwamen anderen die het Bestuur op fouten in de procedure wezen waardoor het hoofdbestuur meende er goed aan te doen hem weer op te nemen.

1911

Het jaar begon niet goed voor Xavier. In het gebouw van de Roermondse eiermijn, die hij mede oprichtte vanuit de VPN, werd in januari een jaarvergadering van de VPN gehouden. Het Bestuur opperde om een extra lid toe te voegen aan het bestuur. Er werden 74 stemmen uitgebracht op twee kandidaten waarvan Xavier er een was. Hij verloor met 34 stemmen.

December 1911 was Xavier weer, zoals ieder jaar, jurylid van de Ornithophilia in Utrecht.

aviculture

Aviculture waar Xavier een vaste medewerker van was. Zie de laatste regel.
Het blad had in 1914 zo’n 16.000 abonnees die fl.1,- per half jaar betaalden voor het abonnement . Dit bovenstaande nummer is uit 1923.

Ook in 1911 verscheen in het Franse blad Bulletin officiel de la Société limousine d’aviculture & d’agriculture een artikel over het zilverkonijn. Hierin werd Xavier aangehaald.

Le Lapin Argenté
Voici comment, d’après le standard du « Nederlandscbe Konijnenbond », le lapin argenté doit être jugé. On sait que les standards de cette société ont été rédigés avec la coopération de huit sociétés et clubs hollandais : « L’élevage du lapin est-il écrit est devenu, en ces dernières années; très prospère en Néerlande, tant chez l’éleveur amateur des expositions que chez celui qui met au premier plan l’intérêt financier.
L’initiative de ce mouvement est incontestablement due à M. Xavier von Wersch, qui, tout jeune qu’il est, a depuis longtemps conquis en Belgique le titre de « Roi des Lapins ». Nul n’est prophète dans son pays, mais il y a deux ans que la France a reconnu le mérite de l’intelligent Hollandais en le créant chevalier du Mérite Agricole.

(vertaling)
Hier volgt hoe, volgens de norm van de “Nederlandscbe Konijnenbond” het zilverkonijn beoordeeld moet worden.  We weten dat de normen van deze Bond werden geschreven in samenwerking met acht bonden en Nederlandse clubs: “Het fokken van konijnen is de laatste jaren in Nederland hard toegenomen, zowel bij de hobby fokker als bij diegenen met financiële bedoelingen.
Het initiatief van deze ontwikkelingen is ongetwijfeld te danken de heer X. von Wersch, die als vanaf zijn jonge jaren  in België de titel verwierf van Koning der Konijnen. Niemand is een profeet is zijn eigen land maar twee jaar geleden erkende Frankrijk de verdienste van deze intelligent Hollanders door hem te eren met het ridderschap in de verdienste van de Landbouw.

1912

In 1912 was alles weer koek en ei. Tijdens de jaarvergadering van december 1912 van de afdeling Limburg van de VPN las de voorzitter een brief voor die iemand uit Milaan aan Xavier gestuurd had waarin gevraagd werd om wekelijks twee vrachtwagons slachtgevogelte te sturen voor Italië. Hieruit blijkt wel dat zijn naam niet alleen bekend was in Nederland en België. Als antwoord zei Xavier dat men meer kuikens gefokt dienen te worden. De VPN telde in december 1912 3630 leden.

In 1911 en 1912 verschenen twee boekjes van zijn hand. In 1911: Praktische Hoenderteelt, en in 1912 Onze huisdieren De Hoenders eenden, ganzen, kalkoenen, zwanen met 74 groote en kleinere afbeeldingen naar photographieën, en 3 gekleurde platen. Dit was een overdruk van het boek Onze Huisdieren van Gos. de Voogt (1863-1918) al uit 1905 (zie hierboven).  Xavier had De Voogt met informatie geholpen over de Hoenders. Daarnaast had Xavier hiervoor hoofdstukken over ganzen, kalkoenen en eenden geschreven.

Tussen 1911 en 1925  werden er vele tentoonstellingen georganiseerd. Xavier nam niet meer deel als deelnemer, maar werd regelmatig als jury of keurmeester gevraagd. In 1918 kreeg hij toch nog een beker uitgereikt voor de mooiste konijnen. De inscriptie luidt: J.H.Fr.X. von Wersch. Beste inzending konijnen.

1914

De Luikse organisatie Union Avicole de Liège hield in januari 1914 een Exposition Internationale in de Salle Royale de la Renommée in Luik. Dit prachtige Jugendstilgebouw was pas open. Xavier  was daar, als secretaris van de pluimveeclub, een van de juryleden. Er waren meer dan 2000 inzendingen.

salle royale

1923

In de Limburgsche Koerier van september 1923 stond het volgende artikel Keurmeestersjubilé. Men meldt ons uit  Heerlen:  ’t Is dit jaar juist 25 jaar geleden, dat dhr. Xaverius  van Wersch voor ’t eerst als keurmeester van konijnen op tentoonstellingen fungeerde. Sindsdien was hij in binnen- en buitenland steeds een der meest geziene leden der jury op tentoonstellingen, ’t Spreekt vanzelf, dat de pluimvee en konijnenliefhebbers dit feit niet onopgemerkt voorbij zullen laten gaan. Naar wij vernemen zal o.m. ter gelegenheid van de dit jaar door den Heerlenschen Pluimvee- en Konijnenbond te houden groote tentoonstelling in verband met het jubileum aan elken eerste prijswinnaar een herinneringsdiploma worden uitgereikt.

1924

Echter in 1924 was er al een omkeer in zijn interesses. Wellicht dat Xavier in 1924 dacht niet langer door te kunnen gaan met zijn konijnen, dat er geen toekomst voor hem daarin lag.  In Terwinselen begon hij met een kunstdrukhandel. Hij drukte prachtige diploma’s die hij ook als prijs schonk voor de beste konijnen op tentoonstellingen.drukker-xavier-v-wersch-sit

Ook komt zijn naam niet meer voor in de brochure die in 1925 verscheen ter ere van de Nationale Tentoonstelling van Pluimvee, Duiven en Konijnen. En die was nog wel in Limburg, in Schinnen. Op de lijst staat wel Jos. van Wersch uit Simpelveld die aan deze wedstrijd deelnam met de volgende konijnenrassen: Russische brandneuzen, ram en voedster, en met zilverkonijn (ram). Waren het zijn eigen konijnen of waren die van Xavier? Waarschijnlijk van Xavier omdat hij met die soorten op vele tentoonstellingen stond.

1926

Apart is het ook dat, hij die vele prijzen won op pluimvee en konijnententoonstelling, in december 1926 toch weer deelnam aan een pluimveetentoonstelling in Café Luxor aan de Rijksweg in Sittard. Echter niet als pluimveehouder of konijnenfokker, maar met een stand voor zijn kunstdrukinrichting.

1928

In 1928 was er in Apeldoorn een hondententoonstelling. Xavier had helemaal niets met honden. Toch deelde hij (of wellicht iemand anders in zijn naam) een zilveren lauwerkrans uit, als vierde ereprijs voor de mooiste herdershond.

Epiloog

Met de Nederlandsche Konijnenbond (NKB), opgericht door Xavier van Wersch zou het goed gaan. In 1947 werd het gouden jubileum in het Rai gebouw in Amsterdam gevierd.  In januari 1957 werd het diamantenfeest (60 jaar) in de Rai gevierd met een show van 3000 konijnen. In 1974 was in Den Bosch de 13e Europese Konijnenteelttentoonstelling met meer dan 10.000 dieren. Vandaag de dag is de Bond opgegaan in Kleindierenliefhebbers Nederland.

Het zou steeds beter gaan met de Konijnenbond. In ons land had de konijnenteelt sedert het oprichten van de Nederlandse konijnenbond in 1897, een kolossale vlucht genomen dat reeds in 1902 voor f. 500.000,- geslachte konijnen naar de Londense  markten werden uitgevoerd.

Het is opvallend dat Xavier zowel von Wersch als van Wersch genoemd werd. Maar ook dat hij J.H.Fr. X. van Wersch genoemd werd of zichzelf zo noemde. Op zijn geboorte akte wordt Fr. niet genoemd. Daar heet hij Jan Hubert Xaverius. Waar die Fr. vandaan komt is onbekend. Ook op zijn bidprentje wordt de Fr. niet genoemd.

Zijn overlijden in 1938 werd niet in Aviculture vermeld.

Gezinsman

In 1909, 34 jaar oud, kreeg hij een relatie met de getrouwde, Maria Lepage die inmiddels gescheiden van haar man woonde. Uit deze relatie werd in 1918 hun dochter Christine geboren. Maar omdat Maria Lepage nog officieel getrouwd was met Van Aelst, kreeg Christine de achternaam van haar papieren vader. Het feit dat Xavier samenwoonde met een nog niet gescheiden vrouw en later ook met haar trouwde, was in het katholieke zuiden natuurlijk doodzonde. Zij trouwden in Valkenburg in 1919. Het gevolg was dat bij hun overlijden hij in ongewijde aarde in Simpelveld begraven werd en zij in het Limburgse Heer. Na de dood mochten ze niet bij elkaar zijn. Dat had zijn familie zo beslist. Die vond het blijkbaar een schande. Ze plaatsten wel een overlijdensadvertentie, maar hierin werden niet de namen van zijn vrouw en kinderen vermeld. Ook op zijn bidprentje worden zijn vrouw en kinderen niet genoemd. Dus zo veel pest had zijn familie eraan dat hij met een gescheiden vrouw getrouwd was. Xavier overleed in Heerlerheide in het huis van dokter Jos van Wersch.

xavier-bidprentje

Andere activiteiten

1917-1920
Omdat hij natuurlijk maar een stukje broodwinning uit de konijnen haalde, vleesopbrengst, had hij ook nog andere beroepen. Een ervan was dat hij een steengroeve en een kalkbranderij in Simpelveld had die Martensgraaf heette. Hier was hij directeur van. De groeve stelde weinig voor. In  2009 zochten wij de plek op en je kon  nog een uitholling in een heuvel zien. De naam Martensgraaf is echter al oud. In het Memorieboek van pastoor Dydden uit de 16e eeuw wordt deze streek Mertensgraeff genoemd.

martensgraaf-simpelveld

limb-koerier-febr-1920Nu waren er in die tijd veel kalkbranderijen in Simpelveld. De familie Van Wersch bouwde veel en velen  hadden in Simpelveld achter in de tuin of op een apart veld een kalkoven staan. Het was de bedoeling dat Xavier er ook zou bouwen. Het is echter niet verder gekomen dan een bouwtekening van een serie rijtjeshuizen. Althans nog niet dat ik weet. Maar het zou wel zo kunnen zijn aangezien hij alleen in 1920 vanuit de Pieterstraat 3 in Valkenburg diverse malen adverteert met bovenstaande advertentie. De huizen zouden gebouwd worden door Gebroeders B.H. & H. Koolhaas uit Heerlen op het terrein Steengroeve Maartensgraaf waarvan Xavier Steengroeve Exploitant was. Hun aanvraag dateert van 9 april 1919.

xavier van wersch
Plan voor de te bouwen huizen bij het station in Simpelveld (Archief Rijckheyt).

Kalk kwam normaal uit België. Maar door de oorlog was de aanvoer sterk verminderd terwijl er wel huizen gebouwd werden. Ondanks dat de Belgische kalk van betere kwaliteit was, werden er toch in Limburg eigen kalkovens gezet.

martensgraaf-brief

In 1917 schreef George Hogenkamp een boek over de wielersport. Hierin werd uiteraard ook Xavier genoemd. Op een gegeven moment schreef hij dat Xavier niet meer met de wielersport bezig was, maar directeur was van De Steen- en Kalkbranderijen te Simpelveld. In 1920 had hij overigens een koffiehuis in Simpelveld.

Het perceel Mertensgraaf was al in februari 1856 door J, van Wersch gepacht.

Horeca man

xavier van wersch
1924

In maart 1921 verhuisde het gezin (vader, moeder en nog één dochter), vanuit Valkenburg naar Simpelveld waar hij een café / koffiehuize had tegenover het station. Dit stond in 1924 ook nog op zijn naam. In mei 1923 vertrok het gezin weer naar Heerlen. In 1933, vijf jaar voor zijn dood, hij was 58, stuurde hij vanuit zijn woonplaats in Amay een brief naar het Gemeentebestuur van Simpelveld . Hij had in Amay een café met de naam Le Flandria aan de Chaussee Roosevelt. Tegenwoordig is dat een friterie. In die brief aan de gemeente vroeg hij om een vergunning A om zwak alcoholische dranken te verkopen. Tevens schreef hij dat, nalim-dgbld-11-dec-1933 verlening van de vergunning, hij en zijn gezin in Simpelveld zou komen wonen. Hiernaast een advertentie uit 1933 als teken dat hij inderdaad in Simpelveld woonde.
Later (1945) kwam op dit adres in Simpelveld de groothandel in koloniale waren Hamers-Beckers te zitten. Deze groothandel werd in 1980 door Karel van Eerd overgenomen. Dat was, volgens Van Eerd, de redding voor zijn bedrijf dat later bekend werd als de supermarkt Jumbo.

Hij was café/restauranthouder in Huy/Hoei. Hij leidde het hotel De La Poste in de Dorpsstraat C24 (dat werd later 24c) Gulpen. In april 1937 werd het hotel aangesteld als Bondshotel door de ANWB, in oktober 1938 was het alweer van de lijst gehaald omdat Xaxier overleden was. In het telefoonboek van 1938 stond de naam Van Wersch-Le Page. Zij hadden telefoonnummer 6.

Café Het Zuiden (1932/1935)
Heel korte pachtte hij van de groothandel Jacques van Wersch het café Het Zuiden in Simpelveld aan de Dorpstraat in Simpelveld. Hij had vanuit België al een drankvergunning aangevraagd. Blijkbaar was dit niets voor Xavier. Het café werd later door zijn neef Leike (Leo) van Wersch (zoon van zijn broer Jupke) en diens vrouw Berthe Delhaye geleid die er een hotel van maakten. In 1935 stond de vrouw van Xavier nog als H van Wersch-Lepage in het telefoonboek van Simpelveld met het telefoonnummer 45.
Een brief van 7 augustus 1935 van de brigadecommandant van de Koninklijke Marechaussee aan de inspecteur der Koninklijke Marechaussee in Den Haag, de inspecteur der Koninklijke Marechaussee afdeling grensbewaking, de divisiecommandant en districtscommandant en tenslotte in handen gesteld van de procureur generaal en luitenant kolonel,  verklaart waarom Xavier zo kort het café had, snel naar een ander dorp vertrok en waarom hij door zijn familie niet geliefd was.
De brief begint met: Ik bericht U hoog Edelgestrenge beleefd, dat zich in Simpelveld heeft gevormd een afdeling van de Nationaal Socialistisch Arbeiderspartij, tellende 28 leden. Er werd echter de Nationaal Socialistische Beweging, de NSB bedoeld. Het is de bedoeling van die afdeling om minstens een maal per maand te vergaderen. Zij heeft haar vergaderlokaal bij den herbergier JAN HUBERT XAVERIUS VAN WERSCH, wonende te Simpelveld, Dorpstraat No. 16. Het is mij gebleken, dat deze van Wersch de eenigste kastelein was te Simpelveld, die zijn lokaal voor het vergaderen der N.S.B. heeft willen afstaan. Van Wersch is van een bedenkelijke reputatie.

In 1936 verhuisde het gezin naar Gulpen waar Xavier het café  Belge had.

 Hotel de la Poste in Gulpen (1937/1938)

xavier van wersch-lepage
Limburgse Koerier 20 maart 1937

Al in 1897 was er een hotel de la Poste in Gulpen, geleid door de heer B. Heimbach. Het hotel telde had 26 kamers. Xavier kocht in maart 1937 het hotel De la Poste van de weduwe Hoedemakers-Teheux die het sindshotel-de-la-poste 1933 het in bezit had. Zij had 40 kamers en Xavier 33 kamers. Het eigendom eindigde bij zijn dood in juli 1938. Zijn weduwe Helena Lepage werd de nieuwe eigenaar. Dit bleef zij niet lang doen want in oktober 1938 werd Paul Thorissen de nieuwe eigenaar en hernoemde het hotel. Voortaan heette het Hotel Bergland.. Hij hield het maar 3 jaar uit, want in november 1941 werd Jan Iske eigenaar. Die ging in 1953 failliet waarna in mei 1953 weer een vrouw (althans op papier) de eigenaar werd. Zij heette Maria Wittevrouw, echtgenote van Willem Deckers. Het eigendom droeg zij in september 1957 over aan haar man. In januari 1960 werd H. Savelkoul de eigenaar van het logiesverstrekkende -, restaurant- en cafebedrijf. In dat jaar vond er ook een omnummering plaats van de Dorpsstraat waardoor het hotel niet meer op 24c zat maar voortaan op nummer 19. Savelkoul redde het ook niet lang want in september 1960 werd het hotel opgeheven. Sinds 2004 heet het voormalige hotel Grand-café Galouppe.

Leraar aan de Landbouwwinterschool in Sittard

staten-generaal
In het archief van de Staten Generaal staat een Onderwijsverslag 1908 -1909 over de midd. Ond. v. vakopleiding Land- en Tuinbouwinterschool te Sittard. Hierin wordt Xavier genoemd als leraar, echter abusievelijk noemen zij hem H. van Wersch.

Xavier was zeker vijf winterseizoenen verbonden aan de Landbouwwinterschool in Sittard. De eerste keer was in de winter van 1903/1904. De laatste bewezen keer in het seizoen van 1907/1908. Over zijn activiteiten aan de Landbouwwinterschool in Sittard heb ik nog te weinig info kunnen vinden. In Stadsbeelden Sittard deel twee van Math Vleeshouwer staat dat in 1896 (maar werkelijk in 1895, opm. webmaster) in het Kitzraedthuis (de oude marechausseekazerne) in Sittard een landbouwwinterschool gevestigd was die in 1923 opgeheven werd. In feite werd de school in de herfst verhuisd naar Roermond. Sittard was na Groningen en Goes de derde Landbouwwinterschool in het land. Op deze school werden boerenzoons alleen in de winter bijgespijkerd op exacte vakken. In de zomer namelijk werkten zij bij hun vader of bij andere boeren. De Nieuws van den Dag van december 1907 schreef:
’t Vraagstuk van de eier- en vleeschproductie is anders de bestudeering wel waard. Uit dit oogpunt beschouwd moeten wij het toejuichen dat onze regeering weer den eersten stoot geeft, waar zij gaat zorgen voor onderwijs in pluimveeteelt. De heer X. von Wersch gaat onderwijs geven aan de Rijkslandbouwwinterschool te Sittard. In 1920 werd het Nationaal Congres voor Practische Neerhofdierenteelt gehouden onder hooge bescherming van het Ministerie van Landbouw. Xavier werd daarin genoemd als leeraar in neerhofdierenteelt, ridder der Landbouwverdienste (Frankrijk).
Klik hier voor meer info over de Landbouwwinterschool in Sittard.

Hasselt

Maart 1911 verhuisde Maria Lepage met haar zoon Jan Peter Jozef van Aelst, geboren in 1900, van Sint Pieter naar Hasselt waar zij aan de Botermarkt een winkel betrokken. Xavier kwam hier (officieel) in oktober bij wonen. Hij kwam uit Amby. Zij stond te boek als winkelierster, hij stond te boek als koopman. Zij woonden hier ook tijdens de Eerste Wereldoorlog.

xavier van wersch nin hasselt
De Maeseijker 1914

In 1914 adverteerde Xavier en Maria onder de naam In den Hollandschen Winkel. Het was een speciaal Magazijn voor alle soorten duivenvoer. Hoofd-Depot van <von Wersch Krachtvoeder voor Reisduiven> Dit zaad geeft krachtige en gezonde duiven, bevordert het ruien, voorkomt ziekte, doet de duiven terugkeeren en brengt 90% van de jongen groot.
Hij verkocht zelfs von Wersch Zangzaad, brengt nietzingende kanarievogels op zang.
Verder verkochten zij lijnzaad, patattenbloem voor het vetten der kalveren, rijst en was het een depot voor koffiebonen, erwten, kaas en specerijwaren.

Ook in 1914 schreef de journalist Mokveld over hun ontmoeting in België. Hij schreef dat Xavier professeur d’aviculture  in Hasselt was. In februari 1915 maakten de Amerikanen gebruik van zijn winkel door er een depot voor conserven van te maken. Zij hadden ook andere winkels hiervoor aangepast.

In januari 1915 verhuisde de familie naar Leopoldsburg, naar de Nicolaystraat. Hier ging hij op de foto van soldaten.

Zeer waarschijnlijk is deze foto in Kamp Beverlo bij Leopoldsburg in België. genomen. Midden in de foto staat Xavier met zijn vrouw Maria Helena Lepage en voor de voeten van Xavier zit Maria Helena Lepage’s zoon Jean. Gezien de soldaten zal deze foto eind 1914 / 1915 gemaakt zijn. Het gebouw is inmiddels gesloopt. Xavier en zijn vrouw woonden in Leopoldsburg.

Drukker

lim-koerier-16-juni-1923Zijn kunstdrukhandel was in Terwinselen In maart 1924 stond hij met een stand op de Tentoonstelling Handel en Nijverheid. Hij exposeerde daar affiches en diploma’s die voor zich zelf spreken. Tussen 1925 en 1931 was hij in Sittard  In deze advertenties zei Xavier (of wellicht Alberts, zie hierboven) dat hij prachtige prenten drukte. En dat klopt. Een van die prenten is het eere diploma, gedrukt in 1928 dat wat hoger staat. In 1926 was er in Sittard een pluimveetenstoonstelling. In de krant stond dat er ook een stand aanwezig was van de Kunstdrukinrichting Xavier van Wersch en Alberts (Sittard). Had Xavier zijn naam verbonden aan deze drukkerij of was hij zelf drukker?

Iets vreemds

limbsch-dagbld-15-12-1942Tussen november 1942 en mei 1943 verschenen met enige regelmaat deze advertenties in het Limburgsch Dagblad en in de katholieke krant De Tijd. Steeds ondertekent door X. van Wersch (of Xavier van Wersch) uit Sittard. Het vreemde is: Xavier heeft wel in Sittard gewoond maar was in 1942 al enkele jaren dood. Wie plaatste dan deze advertenties? Er werden twee adressen door elkaar gebruikt. Soms was het Postbus 4, Sittard, en een enkele keer Putstraat 16 in Sittard. Slechts één keer vermeldde de adverteerder zijn telefoonnummer: 2134.
In 1946 adverteerde Albert weer met colporteurs gevraagd voor de verkoop van de maandkalender en ondertekende de advertentie met Kunstdrukinrichting Xav. van Wersch, Sittard.
Het was drukker Alphons Alberts die de naam van Xavier gebruikte. Alberts was eigenaar van het pand Putstraat 16 in Sittard waarnaast hij een drukkerij had. In september 1943, elf jaar na de dood van Xavier, adverteerde hij in De Tijd met encyclopedieën onder de naam: Boekhandel Alberts, Sittard, tel. nr 2134. Het zal altijd onbekend blijven waarom hij de naam van Xavier gebruikte.
Alphons Alberts was een van de opvolgers in de drukkers dynastie Alberts. Zij hadden vestigingen in Gulpen, Kerkrade en Sittard. In 1911 werd het mede eigenaar van de vestiging Sittard tot zijn dood in 1956. Hij was het die de krant Het Zuiden uitgaf die in 1927 door de Limburger gekocht werd. Toevallig was zijn neef Nicolaas Alberts in Kerkrade de uitgever van Die Christliche Familie, Sonntagsblatt zur religiösen Belehrung und Unterhaltung für das Katholische Volk. In de redactie van dit blad, dat tussen 1898 en 1934 werd uitgegeven, zat de eerwaarde heer Jacob van Wersch die van 1873 tot 1893 in de Lambertuskerk kapelaan was.

Tenslotte

Ondanks zijn vele activiteiten en landelijke bekendheid is het vreemd dat bij zijn dood in 1938 de kranten zwegen. Jarenlang hebben zij over hem geschreven, maar een artikel na zijn overlijden kwam er nooit. In geen enkele krant of pluimvee / konijnen tijdschrift. Wellicht dat de familie geen bericht de wereld in stuurde?

Adressen
Uit het bovenstaande blijkt wel dat Xavier (en zijn gezin) op vele plekken gewoond heeft.
Een selectie van wat er nu zeker is:
1875-1918 Maastricht
1911-1915: Hasselt, Botermarkt, maar ook drukker in Maastricht
1915: Leopoldsburg, Nicolayestraat 
1919-1920: Pieterstraat 3, Valkenburg
1921-1922: Simpelveld
1923: Heerlen
1924: Terwinselen
1925: Huy Tihange
ca 1931: drukker in Sittard
1932: Simpelveld
1933: Amay en in aug 1933 in Simpelveld
1937: Gulpen
1938: Overleden in Heerlerheide

Klik hier voor Xavier van Wersch in de Simpelveldse Tak.

Een Stamgenoten website