Genealogische website Warsage

wapenWapenschilden ontstonden in de riddertijd omstreeks het midden van de 12e eeuw. Voorlopers waren vanen, vlaggen en wimpels waarop bepaalde figuren voorkwamen. Zij vormden een wezenlijk bestanddeel van de uitrusting van krijgslieden. In het begin van de 12e eeuw werden de figuren van de vlaggen op hun uitrusting en op de paardendekens aangebracht. En in een later stadium ook op de wapenschilden. De harnassen maakten het steeds moeilijker om de ene rider van de ander te onderscheiden. De ridders die ze droegen waren op het slagveld en bij toernooien niet herkenbaar. Vandaar dat de wapenschilden beschilderd werden. Om de herkenbaarheid, ook op verre afstand te vergroten, werden felle kleuren als groen, rood en blauw op een lichte achtergrond gebruikt. Later werd het wapenschild, dat in het begin bestond uit strepen en balken, soms in combinatie met dieren, planten of voorwerpen, voorzien van een schildhoofd en een helmteken. Deze wapens werden ook gebruikt om documenten te zegelen. De zegels werden dan extra voorzien van een omschrift waarin hun naam en soms een wapenspreuk stond.

Herauten hielden de wapens bij in hun boeken van de ridders die naar het slagveld gingen, op toernooi gingen, hetgeen identificatie van gesneuvelde of gevangengenomen ridders vereenvoudigde.

Vermeldingen

hemricourtEen oude vermelding van het wapen van Werst (Warsage) in de literatuur is een afbeelding in Hemricourt’s Miroir des Nobles de Hesbaye. Dit werk van de befaamde historicus uit de tweede helft van de zeventiende eeuw, bevat tal van gegevens over adellijke geslachten uit deze streken. Op pag. 139 vermeldde Hemricourt het wapen Warsage toebehorend aan een ridder uit Warsage die gehuwd was met een dochter van Bertrand de Liers. Ook dit wapen toonde een dwarsbalk met elf hermelijnstaartjes. Tegenwoordig heeft het wapen negen hermelijnstaartjes.

 

Jacques de Hemricourt (1333-1403) schreef een genealogisch boek over de Haspengouwse adel. Dit werk werd later veel gekopieerd, maar geen enkel hand gekopieerd boek is overgebleven. De eerste druk van dit boek was in 1673. Daarna verschenen er nog vele uitgaven.
Het is daarom vreemd dat in de uitgave van 1791 het wapen van de familie Donck “ontbreekt”, waardoor deze uitgave geen 1 op 1 kopie is van het boek uit 1673.

1263
warsage Donck

Met dit wapen zegelde Godfried, ridder van Werst, in 1263 enkele charters. De inhoud van deze charters betrof een geschil dat ridder Godfried van Werst had met de Cisterciënzers van de abdij van Val-Dieu. Deze monniken beweerden dat Christiaan, de vader van Godfried van Werst, enkele landerijen gelegen te Weerst voor een deel aan hen had geschonken en voor een deel aan hen had verkocht. Zijn zoon Godfried was echter niet van plan dit bezit aan de monniken af te staan en raakte, na het overlijden van zijn vader Christiaan in een langdurig conflict met de abdij. Om tot een oplossing te komen besloten de partijen de kwestie aan een scheidsgerecht voor te leggen. Het scheidsrechterlijk oordeel wees de eis van ridder Godfried af en stelde de abdij in bezit van het in Weerst gelegen omstreden land. Even later bevestigde de prins-bisschop van Luik, Hendrik van Gelder, in een volgend charter het arbitrale oordeel, hetgeen door Godfried, ridder van Werst, eveneens geschiedde. De originele perkamenten charters worden bewaard in het Historisch Archief van de stad Keulen. Het zegel van ridder Godfried is slechts fragmentarisch behouden. Een deel van de dwarsbalk valt nog te onderscheiden.

 

Het prinsdom Luik beschikte over wapenherauten die oorspronkelijk de taak hadden de identiteit van de ridders bij toernooien aan de hand van hun wapens, aan te kondigen. Later werden de wapenschilden in wapenboeken opgeschreven. Omstreeks 1682 omschreven de wapenherauten Jean-Gillis Lefort en zijn zoon Jacques-Henri het wapen van de landjonkers Van Werst  (een dwarsbalk met hermelijn op een groen schild) als volgt: La noble famille de Werst porte de sinople a la face d’Hermines. Hun opvolger Abry vermeldde er nog bij une tête de col de chien de sinople collecté d’hermine. (hoofd en halsband met hermelijn van een jachthond)

1397

Ulric de werstIn 1397 zegelde Ulric (II) de Werst met deze afdruk van zijn wapenstempel enkele documenten.

1496

zegel van Van WerstArchivaris Flament omschreef het zegel van Ulrick III hangend aan een schepenbrief van 1499 als volgt: Een balk beladen met vijf staarten hermelijn 3-2 en in het schildhoofd twee vijfbladige rozen, omschrift: Sigellu Ulricus de Worsagen. Hiernaast zie je het zegel uit 1496. Bovenaan staat Sigillum (=zegel), rechts staat ulrick de. En links staat Warsagio.

 

In de vorige kerk van Sint Gerlachus van Houthem was een grafsteen uit 1481 te zien van jonker Peter Cluedt en zijn echtgenote Anna van Reymerstock. Op deze grafsteen stonden de wapens van hun ouders en grootouders: Cluedt, Werst, Eynatten, Amstenraedt, Reymerstock, Vos, Bisschop en Tzevel. De ouders van Peter Cluedt waren Jan Clut (Cluedt) de oude en Anna van Werst, dochter van Ulrick (III) van Werst en Aleijda Huyn van Amstenrade. Vandaag de dag is deze grafsteen onvindbaar.
De bron van deze info was het boek van Jean-Gilles en Jacques-Henri Le Fort in hun in 1899 uitgegeven boek. Hebben zij de grafsteen gezien of baseerden zij zich op een onbekende bron?

Clermont, circa 1552

grafsteenIn de kerk van Clermont-Thimister bevindt zich aan de voet van het altaar een grafsteen met aan weerszijden de wapens van Van der Couven en Van Werst met inscriptie. Dirck van der Couven, die hier sinds circa 1552 begraven ligt, was getrouwd met Johanna van Werst, dochter van jonker Adam (I) van Werst. De onderste regels van de tekst op de grafsteen luiden:

PRII.A.DIEV.POVR.SON.AME. (bidt tot God voor zijn ziel). In de cirkel staat het wapen van de familie en rechtsonder zijn vijf hermelijnstaartjes te zien: het wapen van de jonkers Van Werst.

 

Pas in 1908 valt er weer een vermelding te lezen van het wapen Van Werst. En wel in het Wapenboek van Macco: Altes Limburgischen Adelsgeschlecht welches, wie es scheint im 16e Jahrhundert erlosch oder im Burgerstand aufgegangen ist. Het wapen dat hij hierbij vermeldde, beschreef hij als In Grün ein weiser Hermelinbalken, auf dem Helm ein mit dem Balken belegter grünen Brackenrumpf.

1554

armorial huyEind 19e eeuw hertekende Paul Lohest, een ingenieur, archeoloog, heraldist uit Luik het Armorial de Huy na. Hij had bijzonder veel belangstelling voor de geschiedenis van het prinsdom Luik. Van zijn hand zijn een 20-tal boeken over heraldiek verschenen. In het Armorial de Huy (wapenboek van Hoei) staat uiteraard ook het wapen van Van Werst. In dit geval werden de wapens van de ouders afgebeeld toen Hendrik van Eynatten in 1554 met Aleyda van Werst trouwde.

Te zien zijn de vier ouderlijke wapens: Eynatten, Bléhen, Werst en Spriwarts.

Hendrik van Eynatten was de zoon van Herman van Eynatten en Catharina de Bléhen.

Aleijda van Werst huwde toen zij 17 jaar oud was met jonker Hendrik van Eynat­ten, een van de drie zonen van Herman en Catharina de Bléhen d’ Abée.

Hendrik was kasteelheer van de Lichtenberg in Maastricht, heer van Abée en Tinloz en, door zijn huwelijk met Aleijda van Werst, heer van Gerdingen en Nieuwstadt.

Kasteel Abee, circa 1560abee

abee
bron: © KIK-IRPA, Brussel

Een afbeelding van het schild van het wapen Van Werst, de dwarsbalk met de hermelijnstaartjes, bevindt zich heden nog aan de rechterkant van de balk van een gebeeldhouwde renaissance schouw in de kelder van het kasteel Abée. Oorspronkelijk zal deze schouw wel in een van de kamers op de benedenverdieping gestaan hebben. Aan de linkerkant staat het wapen van de jonkers van Eynatten. In het midden het wapenschild van de familie Abée en rechts van de familie Van Werst.  Een en ander is het gevolg van het huwelijk in 1554 van Aleijda van Werst, dochter van jonker Ulrick IV van Werst, met Henri van Eynatten.

Leuven, circa 1580

Op een schilderij voorstellende abt Liebrecht van Hulsberg genaamd Schaloen, destijds aanwezig in de portrettengalerij van de abdij van Vlierbeek bij Leuven, staat zijn gevierendeeld vaderlijk wapen, waarin dat van zijn moeder Gertrude van Werst, een dwarsbalk met hermelijnstaartje, afgebeeld is. Ook had deze abt bij de Tongerse glazenier Filips Posson een gebrandschilderd raam besteld, waarop hij zich liet uitbeelden met mijter en kromstaf met zweetdoek. Ook hier het gevierendeeld wapen: in de kwartieren 1 en 4 zijn drie rode koeken geplaatst als schuinbalk (van Hulsberg) en in 2 en 3 in groen een zilveren dwarsbalk (van Werst). De hermelijnstaartjes, die de dwarsbalk horen te beladen, werden door de glazenier kennelijk vergeten.

 

Abt Liebrecht van Hulsberg genaamd Schaloen werd op 5 januari 1547 in het Begijnhof te Maastricht geboren. Hij was de derde zoon van jonker Gerard 11, burgemeester in Maastricht en jonkvrouwe Gertrude van Werst. Gertrude van Werst was een dochter van bovengenoemde jonker Ulrick III en Aleijda Huyn van Amstenrade.

Leuven, 1626

eynatten De oudste zoon van Jonker Hendrik van Eynatten, getrouwd met Aleijda van Werst, was Louis van Eynatten tot Lichtenbvrgh  die in 1570 geboren werd. Hij was in 1596 kanunnik in Leuven. Later werd hij abt van het klooster Sint Gertrudis in Leuven. Toen hij in 1623 overleed werd in 1626 een grafmonument voor hem opgericht waarbij de wapenschilden afgebeeld werden. Aan de rechterkant van het herdenkingsmonument staan de vier moederlijke wapenschilden waaronder dus die van Van Werst.

bron: ©KIK-IRPA, Brussel, klik hier.

Op het grafmonument hierboven is de verdeling van de wapensschilden anders dan op onderstaande tekening. De bron van deze tekening hieronder is CBS, GHS 50A32: J.M. de Lange: Wapenboeck, familiewapens, rouwborden en grafschriften dat omstreek 1725 werd uitgegeven. Op het grafmonument is de volgorde: Links: Eynatten, Blehem, Hoensbroeck, Binckem Rechts: Werst, Passaert, Amstenraet, Hoensbroeck. Overigens is nog onbekend waarom de wapenschilden van Hoesbroeck en Passart hier aan de Werstkant staan. Cathairna, de zus van Ulrick (IV) van Werst trouwde weliswaar met Goswijn van Blitterswijck genaamd Passart. Maar het is niet logisch dat dat wapen dan op het grafmonument staat.
louis d'eynatten
eynatten

Neuville, circa 1650

warnant warnantJonkvrouwe Aleijda van Werst werd in 1537 geboren uit jonker Ulrick van Werst en Aleijda Huyn van Amstenrade. Zij trouwde, 17 jaar oud, in 1554 met jonker Hendrik van Eynatten. Hendrik had kasteel De Lichtenberg bij Maastricht in eigendom, maar ook kasteel Abée. Zij kregen negen zonen en vijf dochters. Hun dochter Josine trouwde met Jean de Warnant, heer van Neuville in Condroz, bij Luik. Een van hun kinderen, Jean de Warnant, trouwde met Dieudonnée Marguerite de Waha. Hun graf is nog steeds in Neuville te zien. Op de grafsteen uit ongeveer 1650 staan zestien wapens afgebeeld, waaronder uiteraard die van Van Werst en Eynatten.

bron: © KIK-IRPA, Brussel, klik hier.

Namen, 1658

anne-de-jamblinneanne-de-jamblinne-orgineelHiernaast zie je de getekende grafsteen die op de graftombe van Anne de Jamblinne lag en het stenen origineel rechts. Anne was tussen 1635 en 1658 abdis van het klooster Marche les Dames bij Namen in België. Tegenwoordig heet het klooster Abbaye Notre Dame du Vivier.

 

Anne was de dochter van Jean de Jamblinne die met Alida van Eynatten getrouwd was. Deze Alida was de dochter van Alida van Werst en van jonker Hendrik van Eynatten. Anne was dus de kleindochter van Alida van Werst.

 

Op haar grafsteen staan vier wapenschilden.

Linksboven:Jamblinne,

rechtsboven: Eynatten,

linksonder: Baduelle

rechtsonder: Werts.

 

Jamblinne heette haar vader en opa van vaderskant,  Eynatten heette haar moeder en oma van moederskant,  Baduelle was de familienaam van haar oma van vaderskant en Werts moet Van Werst zijn, de achternaam van haar oma van moederskant. Op de grafsteen staan dus de wapenschilden van haar vier grootouders. Middenin staat het wapen van Jamblinne.

De tekst op de grafsteen:

ICY GIST NOBLE ET REVERENDE DAME MADAME ANNE DE JAMBLINNE DITE DOYON LAQVELLE APRES AVOIR REGIT
LOVABLEMENT ET VERTVEVSEMENT L’ESTAT ABBATIAL TANT SPIRITVEL
QVE TEMPOREL L’ESPACE DE 23 ANS, AT RENDV SON AME A DIEV LE 19 DE NOVEMBRE L’AN 1658 AAGEE DE 70 ANS ET PROFESSE DE 54

Vertaling:

HIER LIGT DE EDELE EN EERWAARDE VROUWE ANNE DE JAMBLINNE, ABDIS, DIE NA TROUW EN DEUGDZAAM DE ABDIJ TIJDELIJK VOOR 23 JAAR BESTUURD TE HEBBEN, HAAR ZIEL TERUGGAF AAN GOD OP 19 NOVEMBER VAN HET JAAR 1658, 70 JAAR OUD EN 54 JAAR EEN RELIGIEUSE.

anne-de-jamblinne-detaileelanne-de-jamblinne-wapenDetails uit de getekende versie en uit de stenen versie van het wapen van Werst.

 

Wikipedia schreef over de abdij: De voormalige abdij Notre-Dame du Vivier was een cisterciënzerinnenabdij in Marche-les-Dames in het bisdom Namen.
De abdij werd volgens sommige bronnen gesticht in 1103 door de echtgenotes van Naamse kruisvaarders die samen met Godfried van Bouillon waren vertrokken. In 1146 werd de abdij bezocht door abt Bernard van Clairvaux. In de 13e eeuw verbond de abdij gemeenschap zich dan ook met de cisterciënzers.

De abdij werd op 1 september 1796 door het regime van de Franse revolutionairen gedwongen ontbonden. Hun goederen werden ontnomen en de abdij werd geconfisqueerd en verkocht, maar door vrienden van de orde gekocht. Ook nadien bleven de gebouwen in gebruik door verschillende ordes en organisaties verbonden met de Kerk. Zo verbleven onder andere van 1981 tot 2000 de Monialen van de Monastieke Familie van Betlehem, Maria Ten-Hemel-Opneming en de Heilige Bruno in deze abdij, alvorens te verhuizen naar Opgrimbie. In de 21e eeuw bevond zich van 2000 tot 2008 het Madonna House in de abdijgebouwen, een Canadese katholieke gemeenschap van leken en priesters.

In september 2014 nam de Fraternité des Saints Apôtres haar intrek in de gebouwen. Deze gemeenschap werd gesticht door Monseigneur André-Jozef Léonard en is geïnspireerd op het werk van priester Michel-Marie Zanotti-Sorkine, die pastoor is in Marseille. Op 15 juli 2016 werd de Fraternité des Saints Apôtres echter ontbonden door Monseigneur Jozef De Kesel in zijn aartsbisdom.

Aken 1680

Elisabeth van Weerst trouwde met de adellijke Jan de Blanche, zoon van Hendrik de Blanche en Anna de Jaminet de Tolmonde. Zij kregen drie kinderen: Andries de Blanche, Marie Elisabeth de Blanche en Jan Leonard de Blanche. Zoon Andries werd kanunnik in Gent en verhuisde daarna naar Aken waar hij in 1701 werd begraven. Blijkbaar reisde zijn moeder hem na want zij overleed daar in 1680. Op haar grafsteen stond: Hier liegt begraven  jongfrawe Elisabeth van Weerst, weetib (weduwe) hernn Johann Blanche, starb 4 augustus 1680 bitte Gott fur ihre seele und nachkomlingen. Zij werd begraven in het karmelietenklooster in Aken. Op haar grafsteen is het wapenschild afgebeeld van De Blanche, Van Weerst. Tolmonde en Dobbelsteen. Dobbelsteen was de achternaam van haar moeder.

bron: Elisabeth van Weerst: Guy Poswick: Pierre Tombales et Epigraphie de Limbourg, blz 232. 

 

Het klooster in Aken bestaat niet meer. Het werd van klooster, ziekenhuis, kazerne en tenslotte een politiebureau. De grafstenen zijn verdwenen.

 

Elisabeth van Weerst is eigenlijk Elisabeth Crasborn. Haar overgrootvader was Hans van Weerst, de bastaardzoon, ook wel natuurlijke zoon, ook wel onecht kind, van jonker Daniël (II) van Werst. Hans van Weerst trouwde Anna Crasborn en nam haar achternaam aan.

 

Hij kreeg onder meer een zoon die hij Ulrich noemde, een echte Van Werst familienaam. Ulrich trouwde met Katarina Stijns (van der Steen). Zij kregen onder meer Andries die met Anna Dobbelsteijn trouwde. Dit gezin kreeg acht kinderen waaronder dus de hierboven genoemde Elisabeth die begin 1600 geboren werd. Zij overleed en werd in Aken op 4 augustus 1680 begraven.
Dus tot vier generaties na Hans van Weerst werd het wapen nog steeds gebruikt.

 

Een dochter van Elisabeth van Weerst-Crasborn, gehuwd met Jan de Blanche was Marie Elisabeth de Blanche. Zij huwde met Philippe Hubert de Cloeps, van origine uit Maastricht. Beiden werden in de kerk van Limburg an der Lahn begraven. Hun grafsteen met de wapens De Cloeps en De Blanche zijn daarop afgebeeld. Hij overleed in Limburg an der Lahn in 1688. Zij overleed in 1698.

Neuville, 1690

warnant thiribuOok in Neuville-en-Condrez, 40 km zuid-west van Wasarge, is in de Notre Dame het grafmonument van Pierre de Thiribu getrouwd met Anne Maria de Warnant te zien. Zij overleed in 1685 en hij in 1690. Toen werd er ook voor hen een grafmonument gemaakt. Voor het eerst was het wapenschild in een nieuwe vorm te zien.

bron: © KIK-IRPA, Brussel, klik hier.

Luik, 1694

Op de grafsteen van Jan Louis, Baron van Elderen, Bisschop en Prince van Luijck, Sterft den i Februarij 1694.

De acht kwartieren bevatten de wapenschilden van Elderen, Warnant, Groesbeeck, Eijnatten, Horion, Ramelot, Thuijl en Werst, rechtsonder.

Het zijn de wapenschilden van de overgrootouders van de net genoemd Jean Louis van Elderen.

Rechts zien je op het overzicht hoe het verband is van de overgrootouders met Jan Louis van Elderen (1620-1694).

 

De familie van Elderen bezat het kasteel van Genoelselderen dat tijdens de Franse Revolutie verwoest werd. Het huidige kasteel is uit het begin van de 19e eeuw.

 

bron van de wapenschilden: CBG, GHS 50A32, J.M. de Lange, Wapenboek, omstreeks 1725, blz 286.

van elderen

Conclusie

Concluderend kan gesteld worden dat de landjonkers Van Werst tot het midden van de zestiende eeuw een wapenschild voerden waarop een witte dwarsbalk voorkwam welke belegd was met een aantal hermelijnstaartjes op een groene ondergrond. Dat het helmteken een brakkenkop voerde werd door wapenheraut Arbry vermeld.  In het boek Regist aux armoiries de la Nobles à M. Melchior de Coste Bourgois Vittrié à Marche en Famenne uit 1703  staat het wapen nog steeds afgebeeld. Dus blijkbaar werd het in die tijd nog gebruikt.

bron: Albert van Wersch (schrijver van het boek Van Wersch 800 Jaar), Heerlense Tak.

Wapenboek van Gelre, eind 1300

Eind 14e eeuw werd het wapenboek van Gelre door Claes Heinen (Claes Heynenzoon ca. 1345-1414) heraut van hertog Willem I van Gelre samengesteld. Hij verzorgde de tekst en de illustraties waren van de hand van de gebroeders Maelvael uit Nijmegen, wellicht van hetzelfde atelier als de gebroeders Van Limburg. In dit boek staan 1755 wapenschilden van de adel, bisschoppen en ridders van het toen bekende Europa. Ook staan er de wapenschilden in van de Limburgse ridders. Geen schild van een Van Werst maar wel twee schilden die er heel erg dichtbij komen.

Klik op een afbeelding voor vergroting.

Dit eerste wapen, schreef hij, was het wapen van de heer Jan v.d. Donck. Hierboven werd al beschreven dat Hemricourt in de 13e eeuw schreef dat het wapen van Van Werst en Van den Donck gelijk waren. In het boek Van Wersch 800 Jaar, van Albert van Wersch, wordt op bladzijde 55 de afstammelingen van Arnold Donck van Werst beschreven. Arnold was een achterkleinzoon van Arnold, ridder van Werst die in 1242 overleed.


Arnold Donck van Werst leefde begin 14 eeuw. Hij kreeg onder meer een zoon die hij Jan noemde. Die leefde in het midden van de 14 eeuw. Deze Jan kreeg een zoon die ook Jan genoemd werd. Deze Jan van Werst had meegevochten in de slag van Baesweiler in 1371, een strijd tussen de hertog van Gelre en de hertog van Brabant. Jan van Werst vocht met twee andere familieleden namens Brabant mee tegen Gelre. Jan van Werst werd op het strijdveld gedood.

 

Bij het rechter wapen schreef de heraut: H. Vlec v. Beke. Dit moet gezien worden als het wapen van de ridders van Werst. Christiaan, de broer van Arnold van Werst en oom van Arnold Donck van Werst, had eigendom in Bombaye (=Bolsbeek). Daar woonde het geslacht Bolsbeek.

Hun wapens waren vrijwel identiek, schreef Albert van Wersch in zijn boek: Bij Van Werst was deze belegd met zwarte hermelijn­staartjes en bij Van Bolsbeek was deze zilverkleurig.

 

Een afstammeling van deze Christiaan droeg dit wapen en hanteerde de strijdkreet: Bolsbeke. Wellicht dat de heraut van Gelre daarom van Beke schreef.

 

Dezelfde heraut was tot eind 1300 in dienst van de hertog van Gelre. Begin 1400 was hij in dienst van de graaf van Holland: Albrecht van Beieren en maakte voor hem een nieuw wapenboek.

Wapenboek van Beyeren, 1405

Het wapenschild van de jonkers / ridders Van Werst was niet origineel. Groene of rode vlakken met hermelijnstaartjes werden ook door andere ridders gebruikt. In het Wapenboek van Beyeren uit 1405 staan enkele wapenschilden die erg veel op dat van Van Werst lijken. In dit boek wordt geen een ridder uit Zuid-Limburg genoemd.

Het was gebruikelijk dat wapenschilden door andere, niet verwante, ridders gebruikt werd, hoewel daar een boete opstond.

Aernout van Buchel

oigniesEind 16e eeuw schreef Aernout van Buchel Monumenta passim in templis ac monasteriis Trajectinae urbis atque agri inventa, een boek waarin hij de monumenten in de stad Utrecht en in de dorpen daar om heen beschreef. Vooral van de wapenschilden in de kerken maakte hij aantekeningen. Een daarvan was het wapenschild van het geslacht Oignies dat hij in de kerk van Zoelmond zag. Het lijkt wel heel erg op het wapenschild van de jonkers Van Werst.

Tegenwoordig gebruikt de Franse stad Oignies een afgeleide van dit wapenschild.

Anno nu