Jozef van Wersch, soldaat in Indië

Wersch,-Joseph-van
Joseph van Wersch
(1927-1948)

Op 22 oktober 1946 vertrokken twee treinen vanaf Maastricht naar Amsterdam. Aan boord  waren  de Limburgse dienstplichtigen van de Maastrichtse Tapuit kazerne.  ‘s Morgens vroeg waren ze al om vier uur opgestaan en om zes uur liepen ze naar het station. Op iedere splitsing stond de gewapende militaire politie om weglopers tegen te houden. Zoals gewoonlijk werden de treinen volgeschreven met krijt met kreten als Sneldienst Maastricht-Batavia. Het  waren overwegend katholieke jongens. Vandaar dat er voor hun vertrek eerst een tiendaagse retraite in de kazerne werd gehouden die afgesloten werd met een heilige mis gecelebreerd door bisschop Lemmens. Een van die jongens was Jozef van Wersch, soldaat in Indië. Hij zat bij het derde bataljon van het 14e regiment. Zij hadden de bijnaam 7 December Divisie. Dit naar aanleiding van een toespraak van koningin Wilhelmina van 7 december 1942. Hierin zei zij onder meer dat Nederland en Indonesië in de toekomst samen moesten gaan. Toen Soekarno en Hatta op 17 augustus 1945, na het einde van de Tweede Wereldoorlog wereldwijd, de republiek Indonesië afkondigde, liep het allemaal anders dan dat zij dacht.

De treinen vervoerden de jongens naar Amsterdam waar de Johan de Witt lag te wachten. Eigenlijk was zij een mailschip dat verbouwd werd tot troepentransportschip.  Aan boord kwam ook de toekomstige arts Frans Doeleman die brieven over de reis en over het verblijf op Java  naar zijn moeder schreef die bewaard zijn gebleven. 
Op 29 oktober 1946 schreef hij onder meer over het leven aan boord. De staf had het beter dan de soldaten. ook het eten was anders. Maar ook het eten van de soldaten is uitstekend, het kon alleen wat meer zijn, al geloof ik wel dat ze genoeg krijgen, wat ze voeren tenslotte de hele dag niets uit. Van 9 tot 12 en van 4 tot half 6 krijgen ze wat gymnastiek, theorie of Maleisch, en verder liggen of hangen ze  over de dekken. De slaapplaatsen in de ruimen zijn niet aanlokkelijk in hangmatten, pal naast elkaar, de rest op matrassen op tafels (onder de hangmatten), sommigen op de grond meer dan honderd in een ruimte die nauwelijks geventileerd wordt, zonder patrijspoorten. De walm slaat je tegemoet als je de trap afkomt. Na Port-Said zullen de hangmatten aan het dek opgehangen worden, dan hebben ze het beter.
Aan boord werd ‘s avonds enkele oorlogsfilms vertoond, sommigen hadden een accordeon meegenomen en af en toe leek het wel een cabaret.

ss Johan de Witt

Toen de Johan de Witt om 18.00 uur van de kade naar het IJ werd gesleept, speelde de militaire kapel het Wilhelmus dat door iedereen aan boord werd meegezongen. Toen dat afgelopen was, begonnen de Limburgers hun volkslied Waar in het bronsgroen eikenhout te zingen. De kapel viel in en hun laatste klanken vervlogen in de avondmist terwijl het schip wegvoer. Aan boord waren zo’n 2000 soldaten.
Meer weten over de ss. Johan de Witt? Klik hier.

Jozef van Wersch werd in Vaals op 13 mei 1927 geboren. Hij sneuvelde in Karees (op Java) als sergeant van het Koninklijke Landmacht op 18 november 1948. Hij is overleden, volgens de Oorlogsgravenstichting in Kampong Sakambangan, en begraven op het Nederlands Ereveld Menteng Pulo in Jakarta, vak III, nummer 80/7DD (www.ogs.nl). Hij werd slechts 21 jaar.

Een van de officieren van het 3e bataljon 14e regiment hield een dagboek bij. Op 18 november 1948 staat:
Door het Det Miramare was in de nacht een hinderlaag gelegd in de kpg  (=kampong) Sakambangan (136350). tot 0500 uur werd niets waargenomen. Op dat moment naderden een aantal mannen die werden gesommeerd halt te houden. Zij sloegen op de vlucht, waarop onmiddellijk de achtervolging werd ingezet en het vuur op hun geopend. Vij (= Vijand) vuurde terug en hierbij werd de patr. cdt. (= patrouille commandant) Sgt v. Wersch in zijn rug geschoten door een tegenstander die hij in het donker voorbij gelopen was. Eer de rest der patr. bij hem terug was bleek zijn wapen (sten) verdwenen te zijn. Tijdens vervoer naar het kampement overleed de patr. cdt. Vij verloor 3 doden en 2 karab.

De volgende dag 19 november werd Jozef Van Wersch begraven. Zijn tweelingbroer Eli was niet aanwezig. Die kwam door allerlei omstandigheden enkele uren later. Tot nu toe is het nog niet gelukt om te achterhalen in welk bataljon of regiment hij zat. Het bataljon van Joseph keerde in februari 1950 terug met de SS. Tabinta. Maar Eli was hier niet bij.

Frans Doeleman noemde  het overlijden in een enkele regel in zijn brief van 21 november 1948:
Gisteren eens sergeant van ons gesneuveld, in de buurt van Pameungpeuk, bij een kleine actie, maar verder is het erg rustig bij ons.

De commandant van 3-14, de luitenant-kolonel P.W. van Duin schreef op 31 oktober 1949 een verslag over de verrichtingen van 3-14 over de afgelopen drie jaar:

Bataljon 3-14 R.I.
Met de overige dienstplichtigen van de 3e Infanterie Brigade Groep der “7 December” Divisie kwamen ook de dienstplichtigen van 3.14 R.I., in hoofdzaak gerecruteerd uit Limburg en N. Brabant, op 8 mei 1946 onder de wapenen, en wel in de Tapijn kazerne te Maastricht. Hard is er in die opleidingstijd gewerkt, waarbij het gemis aan ervaring, speciaal van het lager kader, gecompenseerd werd door een grenzeloos enthousiasme. Van de oorspronkelijke opgekomen 1100 man vertrokken tenslotte op 22 October 1946 -850 man per SS. “Johan de Witt” naar Java, al waarop 21 November 1946 te T. Priok ontscheept werd. Van die datum tot medio Maart 1947. lag het bataljon in het kampement “Berenlaan” te Mr. Cornelis, met twee compagniën “buiten” d.w.z. enge K.M. Oost van Batavia. Gelukkig kwam er al spoedig een eind aan het geestdodende “wachtkloppen” toen het bataljon 14 Maart 1947 verplaatst werd naar het Tjiandjoerdse en daar belast werd met de beveiliging van de convooiweg tussen de Poentjak en Tjiandjoer. De betrekkelijke rust maakt het mogelijk de physieke geschiktheid van de troep zo hoog mogelijk op te voeren. Zwaardere heuvels dan de “St. Pietersberg” had men nog niet meegemaakt tot dat moment. De hellingen van de Gedeh en Pentjak waren echter een prima leerschool. De physieke toestand van de troep was dan ook uitstekend toen de 1e Politionele Actie begon, waarbij 3-14 R.I. opdracht kreeg Soekaboemi te bezetten en vandaar door te stoten naar het Westen om contact te maken met de uit het Buitenzorgse oprukkende troepen der 1e Infanterie Brigade groep. In die colonne’s werd opgerukt naar Soekaboemi, dat tegen het vallen van de avond bereikt werd. De tweede actie-dag werd Soekaboemi bezet en met een op het station aangetroffen trein werd “doorgestoten” naar het Westen, waarbij in Tjibadak contact werd gemaakt met onderdelen der 1e Infanterie Brigade Groep. Lang duurde het verblijf in Soekaboemi niet, want na een paar dagen werd het overgenomen door 3 Garde Regiment Prinses Irene en werd de oude “tempatjes” weer opgezocht.
Lees hier verder: en dan 509> 5.4.5.56 > 1382 > blz 48/49.

Van hun strijd op Java werden verslagen gemaakt. In een van die verslagen van 28 september 1947 staat: Het feit, dat geen sigaretten op deze actie zijn verstrekt heeft het moreel van de troep veel afbreuk gedaan. Indien niet tijdig was ingegrepen zou dit het aanzien van de Ned. Militair hebben geschaad daar bij een kpg (= kampong) doorzoeking strootjes aan de Inlanders werden gevraagd. Om de zenuwen te stillen zijn nu eenmaal sign. noodzakelijk.

Monumenten

Buiten Wittem, op de Eyserlinde, staat een oorlogsmonument voor de gevallenen van de Tweede Wereldoorlog. Aan beide kanten van de sokkel staan 43 namen van regionale mannen die gevallen waren in de strijd om de bevrijding. Een van die namen is die van Jozef van Wersch, soldaat in Indië,  die op Java in 1948  in een hinderlaag liep en stierf.

Ontstaan
In maart 1946 was er een plan om een oorlogsmonument in Wittem te plaatsen. Het Limburgsch Dagblad schreef toen: Zulks ter nagedachtenis en als een eerbiedige hulde aan hen, die in het voormalige district Gulpen van de gewezen Landelijke Organisatie voor Onderduikers, — omvattende de gemeenten Bocholtz, Gulpen, Simpelveld, Vaals, Wittem en Wylré, — wegens hun deelnemen aan het verzetswerk gevallen zijn. Tevens uit dankbaarheid dat men voor grootere rampen gespaard bleef en ter nagedachtenis van de gesneuvelde militairen en oorlogsslachtoffers, speciaal van het Rectoraat en de gemeente Wittem. Wittem werd als plaats van het monument uitgekozen, omdat het in het centrum van de voormalige verzetsactiviteit In het district Gulpen gelegen is, en omdat zich in de nabijheid er van op 21 Juli 1944 het drama afspeelde, waardoor de Limburgsche verzetsbeweging na Weert haar zwaarsten slag kreeg.

Het monument werd  in 1951  door pater Gerard. Mathot van de paters Redemptoristen uit Wittem ontworpen en gemaakt. Daarna werd het geplaatst op een plek waar bedevaartgangers op hun tocht naar Wittem, langsliepen.  Het is gemaakt van Limburgs natuursteen en stelt, volgens de site van de Oorlogsgravenstichting, drie nabestaanden voor die een oorlogsslachtoffer dragen. Het beeld is meer dan vier meter hoog. Beeldhouwer pater Mathot zei echter dat het Maria, Johannes die Jezus in zijn armen draagt en onderaan Maria Magdalena zijn. De sokkel werd ontworpen door architectenbureau Swinkels uit Maastricht.

begraafplaats Menteng Pulo
Foto: Cas van Jeveren in 2012. De auteur van het boek De Jongens van Toedjoe Poeloe Doea, geschreven door Jan van Boeijen legde hier de bloemen toen hij bezig was met zijn boek over dit bataljon 3-14.

Op het kruis van Jozef van Wersch staat 1.3.14 RI (dat is 1e Compagnie 3e bataljon 14 Regiment Infanterie) no 270513010, geboren 13 05 27, Gesn 19-11-48.

Zijn tweelingbroer Egidius (Edi) van Wersch
Zijn tweelingbroer Egidius (Edi) van Wersch

Op de sokkel van het monument in Wittem staat aan de ene kant de volgende tekst: Den Gevallenen.
Het klooster en rectoraat Wittem / het voormalig verzetsdistrict Gulpen met velen in den lande hun God en Vader altijd voor alles dankend gedenken in Christus Jesus hun gevallenen. 1940 – 1945

Aan de andere kant  staan de namen van deze gevallenen. Op de zesde regel   (bij rode pijltje) staat de naam van Jozef van Wersch genoemd:oorlogsmonument-voet

Er valt dan te lezen:: Jozef van Wersch op Java ’48.

oorlogsmonument-vaalsIn 2010 werd de bijna vergane tekst vervangen door een natuurgetrouwe kopie. Nu wordt meer eer gedaan aan de gevallenen van de Tweede Wereldoorlog.

Limburgse Jagers monument
Monument voor de gevallenen van de Limburgse Jagers. Tegenwoordig staat dit monument op de kazerne in Oirschot.

Andere monumenten waarop de naam van Jozef van Wersch staat zijn in Roermond, Schaarsbergen (alle 687 militairen van de 7 December Divisie) en op de kazerne in Oirschot. Dit laatste monument stond voorheen op de kazerne in Weert. Toen die rond 2015 gesloten werd, verhuisde het herdenkingsmonument naar Oirschot. Weert. Dus vijf monumenten in het totaal.

Op zijn bidprentje luidt de tekst  onder meer: Op zijn post van eer viel Joseph, wiens leven ‘t kenmerk droeg van goedheid en bezorgdheid voor zijn Jongens. In ijver en hartelijkheid groeide hij op onder de liefdevolle zorgen van zijn ouders, jegens wie hij met dankbare liefde vervuld was.

Op het monument staat ook de naam van Sjeng Coenen.

De moeder van Jozef van Wersch,  Elise van Wersch -Kohl, onthulde in mei 1960 op het Von Clermontplein in Vaals een oorlogmonument dat de militairen en burgers uit Vaals herdenkt die in dienst van het Nederlands leger in Nederlands Indië gevallen waren. Haar zoon sneuvelde daar in 1948.

lillie-van-wersch
1960

Enkele foto’s uit Indië waarop Joep staat.

Het plan was opgevat om een gedenkboek te maken voor de nabestaanden van de gesneuvelde militairen van de 7 December Divisie met foto’s van het ereveld Menteng Poelo in Batavia, de afscheidsplechtigheid en graffoto’s. Dit boek werd gemaakt door het Comité Gedenkboek voor de nabestaanden van de gesneuvelde en overleden militairen van de 3e Inf. Brig. GP. Het boek werd in november 1950 persoonlijk afgegeven bij de nabestaanden. Het was daarom alleen voor hen bestemd.

Klik hier voor Jozef van Wersch in de Kerkraadse Tak.

bronnen:
‘Brieven uit Nederlandsch-Indië van Frans Doeleman, bataljonarts 3 – 14 RI (7 december divisie) 1946 – 1950’ betreffende de ervaringen van officier van gezondheid F. Doeleman in zijn diensttijd in Nederlands-Indië tijdens de dekolonisatieoorlog o.a. te Tjipanas, Soekaboemi, Soemedang, Tjiamis, Garoet en Tasikmalaja op West- en Midden-Java. www.archieven.nl en dan 1385

Oorlogsdagboek afkomstig van het 3e bataljon 14e Regiment Infanterie onder bevel van luitenant-kolonel P.W. van Duin betreffende de inzet van de eenheid op West-Java o.a. te Tjipanas, Soekaboemi, Soemedang, Tjiamis, Garoet en Tasikmalaja.
www.archieven.nl en dan 1380

De Jongens van “Toedjoe Poeloe Doea”, Herinneringsalbum van het bataljon 3-14 R.I., 3e Infanterie Brigade Groep, 1 Divisie “7 December”, West-Java 1946-1950. –  J.D. van Boeijen. Helmond 2009.

Een Stamgenoten website